Totaal aantal pageviews

vrijdag 25 maart 2016

Paastak

"Goedemiddag jonge dame, ik heb van mijn vrouw te horen gekregen dat we dit jaar in het kader van Pasen een paar paastakken gaan opleuken en dat u zoiets verkoopt. En dan mijn vraag: klopt dat ?". De medewerkster van het tuincentrum veegde haar ietwat bemodderde handen af aan de handdoek die voor haar middel hing en leunde vervolgens op de toonbank.


"Paastakken, ja, die hebben we. Hoeveel wilt u er hebben ?", ze wees in de richting van de hoek waar een bos snoeihout op de vloer lag opgebost. Ik haalde mijn schouders op. "Weet ik veel, een paar takken denk ik". Ze bukte zich, pakte een afgebonden bosje en legde het voor me neer op de toonbank. "Kijkt u eens", zei ze vriendelijk. Ik bekeek de takkenbos en keek op het aanbengelende kaartje.

"Is dit wat ze bedoelen met paastakken?", informeerde ik vol ongeloof. "Een salix babylonica Tortuosa ?". Ik kreeg het mijn bek bijna niet uit. Ze lachte en aan beide zijde ontstond een kuiltje in haar wang. "Dat klopt inderdaad, een krulwilg". Ik keek nog eens goed. "Weet u, een kerstboom kan ik nog wel onderscheiden van een eik, maar een paastak van een bos afval is lastig. En die zooi moet dan in een vaas en kun je hem versieren ?", vroeg ik. "Ja meneer, en we hebben ook versierspulletjes in de aanbieding". Ze bukte zich en pakte vanonder de toonbank een doosje met op tampons lijkende stenen met touwtjes en een plastic doos vol geel spul. Ze legde het op het blad. 

Ik pakte een steen en bekeek de opgeschilderde  versiering. "Degene die dat heeft geschilderd moet stomdronken zijn geweest", concludeerde ik. "Het ziet er niet uit". Toen pakte ik het doosje. Een aantal gele pluizen, voorzien van kleine oranje stokjes, keken mij aan. "En wat moet dat voorstellen ?", ik wees op het doosje. "Dat zijn kuikens, meneer, die kun je er ter versiering naast hangen". Ik keek naar de combinatie van het gele ding en het ei. Het ei was twee keer groter dan het ding. "Lijkt me niet erg logisch dit", zei ik ernstig. "Het is maar decoratie meneer", opnieuw die kuiltjes.

Ik bekeek de hele uitgestalde handel nog eens goed en vroeg toen naar de prijs. "De takken vijf euro, de eieren drie euro vijftig en de kuikentjes zes euro".
Omdat ze tegenwoordig niet meer kunnen rekenen werd de hele kraam in de kassa geramd en met een vrolijke "ting" kreeg ik een aanslagbiljet van veertien euro vijftig. "Dat is dan veertien euro vijftig, wilt u pinnen ?", vroegen de kuiltjes. Ik schrok van het bedrag. Zo'n achterlijke takkenbos met een paar versierde tampons en geel gespoten plukken schaamhaar voor veertien euro vijftig... 

"Weet u wat we eigenlijk met Pasen vieren?", vroeg ik. Ze haalde haar schouders op. "Iets met Jezus geloof ik". "Oké, iets met Jezus, en kun je me dan ook nog uitleggen wat de relatie behelst tussen deze Jezus, een takkenbos, een doos eieren en kuikens ?".
Diepe overdenkende kuilen nu. 

Een oudere dame die getuige was van mijn voorgenomen aankoop bemoeide zich er nu ook mee.
"We vieren de wederopstanding van Jezus nadat hij is gekruisigd". Ze keek er bij alsof ze er zelf heilig in geloofde. "de versierde takken dragen bij aan de vreugde". 

"Er is dus geen directe relatie", concludeerde ik. "Het slaat dus nergens op. Ik kan die takken net zo goed met sinterklaas in een vaas drukken". Ik pakte de takkenbos op en gooide hem vervolgens weer onverschillig op de toonbank. Ik dacht even na. Toen: "Doe mij voor die veertien euro vijftig maar een mooie bos rode rozen en laat deze handel maar zitten". Ik wees op de takken. Daarna draaide ik mij om in de richting van de dame.

"Ik ga dit paasweekend gebruiken voor de viering van mijn eigen wederopstanding. Er ligt vast en zeker wél een directe relatie met deze bos rozen..."
 
Ik gaf haar een knipoog, rekende af en verliet fluitend de winkel.

Bart




donderdag 17 maart 2016

Blanche

Vorige week zat ik mij in een overvolle trein richting Amsterdam te ergeren aan het gedrag van een medepassagier die asociaal veel ruimte nodig had. "Sorry", mompelde ze terwijl ze aan haar iets te korte rokje in de richting van haar knie plukte en haar andere been nu oversloeg. Ze had bij haar beenwissel mijn scheenbeen geraakt. Ik norste in haar richting en veegde quasi pijnlijk over de geraakte plek. Ze zat naar mijn zin té strak tegenover me. Nou ja, zat, ze hing. Ze hing scheef op de bank en las een tijdschrift wat ze met één hand vasthield en wat deels op haar schoot leunde.

De plek waar ze aan haar rok had geplukt vertoonde een terug-kruipende punt zodat het patroon naar verwachting na een paar seconden weer in lijn zou komen te liggen. Het was een rokje met een koeienprint waarbij ik onmiskenbaar het beeld kreeg van een Klara Vijf.

Behalve een verlopen en ronduit ordinair opgemaakt gezicht vol opzichtig dicht geplamuurde groeven beschikte ze over een diep uitgesneden decolleté waardoor er twee onnatuurlijk grote borsten in het binnendringende zonlicht lagen te genieten. De ene borst vertoonde de in groene inkt geschreven naam "Love" terwijl de andere de naam Blanche droeg. Tenminste, dat zou je veronderstellen want vanwege haar scheve zithouding hing de op een gouden plaatje gegraveerde naam los op de rechter borst.

Ik bekeek het geheel vanachter mijn door het zonlicht donker kleurende brilglazen. Als ik het allemaal zo op de korte afstand waarnam, dan had het veel weg van een bouwval uit een achterstandswijk. Het hing allemaal onverzorgd, vermoeid en scheef en de zichtbare spaghetti-bandjes van haar BH wekten de indruk dat ze de spullenboel noodgedwongen bij elkaar hielden.

Onderwijl hipte ze met haar rechterbeen op het "kedeng kedeng" ritme op en neer. Typisch een vrouwenactiviteit, bedacht ik mij waarvan ik ooit in een mannenblad had gelezen dat het om een schaamlipmassage zou gaan. Maar kort daarop las ik in een damesblad dat het te maken had met de uiting van een gevoel van onzekerheid.

Terwijl ik haar stiekem begluurde kon ik toch niet aan de indruk ontkomen dat er van onzekerheid geen sprake was. Het betrof hier een stevige tante die vanuit haar uitstraling menige kerel op de knieën zou krijgen. Ze had op haar manier ook wel iets aantrekkelijks. Iets spannends, uitdagends. Een beetje hoerig zelfs.

Ze krabte ondertussen wat aan Love en keek mij in een fractie aan. Binnen die fractie trok ze een glimlach, meende ik iets van een wimpertrek te zien en ontplofte bij mij een knalrode lawinepijl. Vanwege de explosie schoot mijn blik van haar weg om in dezelfde fractie weer terug te keren naar de oorspronkelijke stand.

Opnieuw een beenwissel, een plukactie aan de koeienprint en een opschudding van de dames Love en Blanche. Ik kreeg bij haar aanblik toch het idee dat ze in het betaalde sociale werk zat. Zo'n type wat op een krukje in het rode licht achter de ramen zat te vissen naar mannen in lichamelijke nood. Zoiets. Ik kreeg het er nog warmer van. Terwijl ik wat onrustig zat te schuiven klonk plots de stem van de machinist uit het plafond met de aankondiging van een naderende stop. De complete Vogelaarwijk kwam nu in beweging.

Ze legde het blad naast zich, stond op, trok haar rok een tien centimeter naar beneden en schoot in haar jas. Love verdween in de diepte en Blanche schoof op naar het midden. Toen pakte ze het tijdschrift, keek nog even snel en reikte hem toen in mijn richting. "Een interessant blad", zei ze met een glimlach. "Iets voor u". Ik pakte hem aan, mompelde iets van dank en zag haar vervolgens in het gangpad verdwijnen.

Ik richtte mij nu op het cadeautje en op een artikel wat meteen mijn aandacht trok. "De voyeur: een psychopaat of een levensgenieter". Daaronder de naam en foto van ene professor doctor Blanche Vermeulen. Toen ik door het raam richting het perron keek, zag ik haar voorbij lopen. Ze knikte vriendelijk lachend in mijn richting en verdween toen in de massa.

Bart