Totaal aantal pageviews

donderdag 9 juni 2016

Boemelen....

Ze zat schuin tegenover me op één van de blauw-gele bankjes in de vroege achterhoekse ochtendboemel van Doetinchem naar Arnhem. Een vrouw van naar schatting middelbare leeftijd en een zo op het eerste oog, aardige vrouw.

Dat heb je wel eens, dat iemand een aardige indruk op je maakt. Dat je er een beetje positief stiekem naar zit te kijken en dat je dan je gevoel voelt groeien en denkt van “goh, wat een aardig mens”. Natuurlijk zonder enige bijbedoeling. Dat zou ook klinklare onzin zijn want je gaat niet iemand vanwege een bijbedoeling als aardig betitelen. Zo'n iemand is aardig, of is niet aardig. En deze “iemand” was gewoon aardig. Punt.

Ze was keurig gekleed, netjes. Niet overdreven, niet opvallend, gewoon leuk. Ze droeg een witte, roezelige blouse, een donkere rok en ter hoogte van haar knieën werden zwarte kousen zichtbaar die eindigden in een paar keurige zwarte schoenen met vetertje.

Over haar witte blouse droeg ze een zwart jasje met gouden knoopjes. De kraag van het jasje was laag zodat haar hoog dichtgeknoopte blouse boven het jasje kon uittoornen. Ik ontdekte in haar mooi gevormd gezicht hele fijne kraaienpootjes die door een prettig huppelende ballet-kraai moesten zijn ingegraveerd. Tezamen met haar bescheiden, licht gepoederde neus en prettig gevormde mond kon ik maar tot één conclusie komen: echt een erg leuke, prettige en bovendien aardige vrouw.

Ze zat ietwat voorover gebogen. Haar knieën hield ze geforceerd tegen elkaar gedrukt en haar handen lagen gevouwen als een verticale wigwam op haar bovenbenen. Ze wiebelde wat heen en weer. Zoals treinpassagiers dat bij wissel-passages plegen te doen.

Ik probeerde me een voorstelling te maken van waar deze vrouw naartoe treinde. Ik schatte een ernstig zieke tante, oom, of een moeder. Of misschien wel een begrafenis of crematie. Ik zou dan voor een crematie gaan, bedacht ik mij. Met een begrafenis ga je dikker gekleed want meestal sta je  buiten totdat de doodgraver een seintje geeft dat er afscheid kan worden genomen. En dat moment laat altijd heel lang op zich wachten.

Ik zou het overigens als familie zijnde best prettig vinden om in de aanwezigheid van deze vrouw een crematie te houden. Ze straalde vertrouwen uit, en was vast ook iemand die troostend haar arm om je schouders zou kunnen leggen... Dat zag ik haar wel doen.

Ik zag haar na afloop ook wel aan de koffietafel zitten, naast de familie. Een plakje gele cake in haar rechterhand en haar linker hand gebruikend als opvangkommetje voor de kruimelende crematie-cake. Ze spoelde het weg met een kopje koffie en sprak ondertussen geanimeerd met de familie. Waarschijnlijk anekdotes over de overledene. Dat het een goed en leuk mens was....

De boemel remde af, eindstation Arnhem naderde. Ze wilde opstaan maar werd teruggedrukt in de bank. Ze glimlachte naar me. Alsof ze zich wilde verontschuldigen en ik glimlachte terug. Toen kwam de trein tot stilstand en stonden we op. Ze wreef een keer ontkreukend over haar rok, pakte haar jas en schreed toen naar het balkon.

Even later zag ik haar opgaan in de menigte en wat later terug bij de uitgang van het station. Daar hing ze met een rood hoofd in een meer dan vraatzuchtige omhelzing met een beetje grijzende en keurig geklede man. Een prettige vent om te zien.

Dat moest haast wel een leuke, gezellige en misschien wel hete crematie-ochtend worden, bedacht ik mij in het voorbijgaan.

Ik knikte vriendelijk en liep fluitend naar kantoor...

Bart

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen