Totaal aantal pageviews

zaterdag 24 juni 2017

Een ruzie...

Ze hadden ruzie, de campingbuurtjes naast ons. Mijn schoonmoeder zou spreken van een "onenigheidje" want in haar ogen staat ruzie gelijk aan het "met elkaar op de vuist gaan" maar dat was gelukkig nog niet zo. Toch was dit meer dan een pissewis. Tenminste dat vond ik. Mijn echtgenote koos meer de opvattingskant van haar moeder, maar goed, daar gaat het hier niet over.

In het kort de aanleiding: hij, onze rechter buurman had met haar, zijn echtgenote, aan het zwembad gelegen. Naast hem had onze andere, dus linker en bovendien alleenstaande buurvrouw, topless liggen zonnen. En onze buurman had steeds naar haar liggen gluren.


Daar was de buurvrouw, zijn echtgenote, boos over.

Nu wil het geval dat ook ik daar in de buurt lag en tevens de ontblote boezem van onze linker buurvrouw had gezien. Met dat verschil dat ik er slechts kennis van had genomen.

Ik zie de vrouwelijke borst namelijk als kunstwerkje van moeder natuur en ik bewonder het vaak ook als zodanig. Ik zie het dan ook niet als een lustobject. Hij blijkbaar wel, tenminste, in de ogen van de buuf.

Nu wil ik verder geen mening ventileren over dit specifieke kunstwerkje maar laat ik het dan zo formuleren: er zijn mooie werkjes en minder mooie werkjes. Ik vond er dus wel iets van en begreep binnen dat kader mijn buurman niet helemaal.

Hoe dan ook: heibel in de hut. En dan ook nog op zo'n manier dat ik een paar extra scheerlijntjes overwoog vanwege dreigend omwaai-gevaar. De buuf ging hevig tekeer.  Ik kreeg overigens het idee dat het al snel het niveau van "de borst" had verlaten  en zich inmiddels een flink eind onder de gordel afspeelde. Hij scheen wel vaker naar andere vrouwen te kijken en zij was daar wel klaar mee vernam ik door de toch wel flink geisoleerde caravanwandjes heen. Ik hoorde zelfs iets over het "pakken van de koffers".

Nu leek mij dat een lastig verhaal want ze waren, zoals gezegd met de caravan en dan neem je doorgaands geen koffers mee. Of het moet met voorbedachte raden zijn. In dat geval had de ruzie niets maar dan ook helemaal niets met een paar blootliggende tieten te maken maar was het probleem al ver vóór dit akkefietje geworteld en was dit de bekende druppel. Ik kon het overigens allemaal niet plaatsen.

'Goh, wat is er toch hiernaast aan de hand', vroeg de buurvrouw die topless had gelegen en indirect de oorzaak was. Ik haalde mijn schouders op. Ik kon toch moeilijk zeggen dat het met haar blote borsten te maken had.

'Geen idee', loog ik.

'Hm, het is een beetje een vreemde man', wist ze.
'Hoezo ?', vroeg ik.
'Ik lag topless te zonnen en hij kon zijn ogen niet van mij afhouden'.
'O', bracht ik naar buiten.

'Ja, u keek ook, maar op een andere manier'. Ze kneep haar ogen samen.  'U had het waarschijnlijk wel door, toch ?'.
'Ik begrijp u niet', zei ik.

'Kom op man, je bent toch niet blind ?'. Ze keek me aan. Vervolgens: 'Laat ik het dan maar zo zeggen: "met de groeten van Herman"'.
Hij begon te bulderden van het lachen en liep terug naar zijn caravan. Ik bleef in opperste verwarring achter.

Ik besloot met spoed een vertrouwelijk gesprek aan te gaan met mijn buurman.

Bart

Copyright Brompot juni 2017

vrijdag 23 juni 2017

Sportieve vakantie

Ze stonden aan de overkant van het stoffige laantje, op plek 44 A. Een man en een vrouw, afkomstig uit het Gooi. Tenminste, de nummerplaat van hun BMW verried dat. Dat heb je tegenwoordig. Dat bij aanschaf van een auto je nummerplaat wordt ontsierd met een zwarte plaat met daarop de naam van de garage waar het voiture is aangeschaft.

Veel mensen laten zo'n plaat verwijderen, bij anderen kunnen de letters niet dik genoeg zijn. Zo ook bij dit stel uit Laren. Overigens stelde de eveneens in Laren aangeschafte caravan die dwars door Frankrijk was meegesleept, voor Gooise begrippen niet veel voor. Een wat verouderd type met groene strepen en een verschoten luifel.

Op de dissel prijkte Larens trots: een tweetal racefietsen stammend uit de tijd dat Jan Jansen de tour won. Het stel was redelijk bejaard waarbij de mannelijke helft van dit duo de overjarigheid waarschijnlijk wel had geaccepteerd. De dame hing echter nog volledig in de ontkennende fase en was zichtbaar  tekeer gegaan tegen het bejaardenspook wat regelmatig als een spiegelbeeld in de badkamer aan haar verscheen.

Haar oogleden waren opgetrokken, de lippen volgespoten en onder haar boezem had ze een ingenieus balkon aangebracht. Maar wat ze met haar billen had laten uitvreten kon ik niet goed thuisbrengen. Laten we het maar zo zeggen: in de kroeg kon je er moeiteloos een pot schuimend bier op kwijt.

Hij daarentegen had de boel laten lopen zoals de natuur dat voorschrijft. Ooit moet hij een sixpack hebben gehad, maar de inhoud daarvan was in de loop der jaren weggelekt. Hij had ook geen moeite gedaan om de lege verpakking weg te smijten, zodat het geheel op grootmoeders wasbord leek.

Ook aan het voortbewegen van de man kon je zien dat hij het allemaal welletjes vond. Hij sjokte over de camping alsof hij een laatste kruiwagen met zijn eigen grafzerk moest afleveren om vervolgens rustig te kunnen sterven.

Zij echter was nog springlevend en was duidelijk de activiteitenbegeleidster van het stel. Ze huppelde als een dartele geit over de camping en in gedachten zag ik haar met een strakke jonge zongebruinde tennisleraar in de weer die haar de beginselen van de love-game probeerde bij te brengen.

Voor ons als toeschouwende overburen was het allemaal zeer vermakelijk. Alhoewel... 

Het begon rond zeven uur in de ochtend. Ik lag nog wat in mijn laatste slaap te modderen toen ik gestommel hoorde aan de overkant. Ik trok het rolgordijntje voorzichtig op en jawel hoor: Opa was druk met het klaarzetten van de racefietsen. Oma huppelde er opgewonden omheen. Ze had een strak wielrenshirtje aangetrokken met daarop een zwarte bijpassende wielren-broek met witte strepen. De mislukking van haar billen-lift werd nu wel heel duidelijk geaccentueerd. Haar boezem rolde ondertussen bijna van het balkon.

'Wat sta je daar nou, schiet eens een beetje op', spoorde ze hem aan.
'Ik ben toch bezig ?', mopperde hij.
'Nee, dat is niet waar. Je staat te kijken. Snap je het niet of zo ?'.
'Jawel, de banden moeten nog op spanning'.
'Pomp ze dan op', mopperde ze.
'Dat ga ik ook zo doen. Even op adem komen, het is nog vroeg'.

'Kom op John, ik wil om elf uur terug zijn want dan begint het aqua-joggen in het zwembad'.

'Daar doe ik niet aan mee', zuchtte hij.

'Wat ga jij dan doen ?', vroeg ze licht geïrriteerd.
'Weet ik nog niet, misschien wel terug naar bed'.
'Dat dacht ik niet. Kom op: pompen'.

Wat later zag ik ze vertrekken. Zij voorop en hij zwalkte er wat achteraan.

'Wat was dat ?', hoorde ik een schorre slaapstem naast mij informeren.

'Schat, zullen wij ook eens een paar racefietsen kopen ?', stelde ik losjes voor.

Geen reactie. Stilte.

Toen, na een paar seconden: 'zeg Bart, luister eens: ik zat net even na te denken hè. Wat zou je ervan vinden als ik een botox-kuurtje zou nemen in Laren ?'.

Ik liet me weer achterover zakken.

'Wat had jij over racefietsen ?', informeerde ze gapend.

'Laat maar. Niks bijzonders'.

Bart



Copyright Brompot juni 2017

donderdag 22 juni 2017

Een leuk frans winkeltje...

We hadden het duidelijk afgesproken: niet meer dan drie markten verspreid over drie weken. En dus waren we bezig met de laatste markt waarna de stempelkaart vol zou zijn en ik deze mijlpaal met een pot bier zou afsluiten.

'Goh, wat een leuk winkeltje'. Ik keek even in de aangewezen richting en ontdekte een badpakkenwinkel. Tenminste, er hingen wat badpakken aan een hangertje buiten op de stoep met daarbij de psychologische uitnodiging binnen vooral verder te kijken.

'Even binnen kijken', zei ze. Ze wachtte mijn standaardzucht niet af en liep naar binnen.


Ik had al een paar weken opmerkingen opgevangen rond de aanschaf van een nieuw badpak. Inclusief alle argumenten waarom dit een nodige aankoop zou moeten zijn. Maar gelet op de afspraak dat dit toch de laatste dag zou worden, had ik er wel vrede mee en sukkelde ook ik de negorij binnen.

'Bonjour', riep een speciaal voor deze branche geselecteerde verkoopster. Een slanke den met een behoorlijke boezem en een bruin verbrandde toet.
'Bonjour',  geitte ik terug.

Mijn echtgenote was inmiddels ergens tussen de honderden badpakken verdwaald geraakt. Ik pakte mijn mobiel en ging geleund tegen een rek wat staan faceboeken.

'Bart, kom eens', hoorde ik een bekende stem roepen.
'Steek je hand eens op, ik weet niet waar je bent', riep ik terug.

Even later stond ik naast haar en bewonderde een kleurrijk badpak wat ergens uit een rek was getrokken.

'Zou mij die passen ?', vroeg ze. Ik keek alsof ik er verstand van had.
'Geen  idee, schat. Hangt er geen andere maat ?'.
'Kijk jij eens', vroeg ze.

Een fractie later had ik één badpak in mijn hand en lagen er vier op de grond. Uiteraard raapte ik ze op en probeerde ze tevergeefs weer terug te hangen.

'Deze is toch leuk ?', vroeg ze.
'Ja, echt leuk'. Ik meende het.

'En nog een leuk prijsje ook', zei ze met een knipoog. Ik ben nu eenmaal de kassier in het gezin. Ik keek op het kaartje en probeerde de waarde van het stukje stof in gedachten in overeenstemming te brengen met datgene ik op het kartonnetje geschreven zag staan.

'Of is hij te duur'. Ik haalde de schouders op. 'Dat bepaal jijzelf, toch ?', zei ik met een ongekende gulheid.

'Zal ik hem eens passen ?', stelde ze voor.
'Ja hoor, doe maar', zei ik.

Drie tellen later stonden we bij iets wat voor paskamers moest doorgaan. Drie hokjes met een drietal knalrode gordijnen die met ringen bleken opgehangen aan een centrale buis.

De verkoopster stond er lachtend bij. Ik ook. Het was echt zo leuk.

'Gaat het ?', informeerde ik door het rode gordijn.
'Nou, ik vind hem toch niet zo leuk', zei ze.
Ik wist het. Met alle respect voor de vrouw, maar blijkbaar hebben ze allemaal een afkeer van de stelling "in één keer goed".

Het gordijn schoof open en de verkoopster stond er meteen bij. Er werd wat gemummeld en ze liep weg.

'Ze kijkt even', zei ze.
'Ja, dat ken ik', mompelde ik.

Het was inmiddels lekker druk bij de paskamers. De andere stallen waren nu ook bewoond. Toen kwam de verkoopster weer aangehakt met een arm vol badpakken.

Toch wel een leuke mooie vrouw moest ik vaststellen.

'Vind je deze leuk, Bart ?'.
'Ja hoor', zei ik.

Het gordijn ging dicht en er werd gepast.

'Wat kost die ?', informeerde ik voorzichtig.
'Een koopje, volgens mij veertig euro'.

'Dat is niet duur. Zit ie goed ?', vroeg ik ietwat te hoopvol.
'Ja, geweldig'.

Op dat moment ging het gordijn open en stond mijn echtgenote in een keurig badpak. Op haar rug hing het kaartje. Ik kon er bijna bij... bijna.
Ik zag een paar met hanepoten geschreven cijfers.

Terwijl ik nog iets verder naar voren boog, ontdekte ik de werkelijke prijs van honderdentien euro, raakte vervolgens uit balans, greep het gordijn waarna de centrale gordijnstang met een luid geraas naar beneden donderde.

De gevolgen waren enorm: twee blote gillende dames, een kapotte stang, een echtgenote met een veel te duur badpak en een verkoopster die in één keer transformeerde in een lelijke eucalypta. Tja. We zijn niet zo lang meer in de winkel gebleven.

Van het afsluitende biertje is niets meer terecht gekomen.

Bart

Copyright brompot juni 2017

woensdag 21 juni 2017

Franse slimheid...

'Er valt me iets op', zei ik tegen mijn echtgenote. 'Hiernaast staan toch van die Fransen ?'.
'Zijn dat Fransen ?', vroeg ze na enige tijd en met een afwezige stem. Ze las een libelle.
'Ja, Fransen. Dat weet je toch ?. Daar hebben we het gisteravond nog over gehad'.
'Geen idee', ze haalde haar schouders op en las verder.
'Ach ja, die hadden van die stinkende vis op de barbecue. Dat zei ik nog tegen je'.

Ze legde het blad met enige tegenzin op schoot en richtte zich op mij.

'Bart, sorry, ik hou geen boekhouding bij van alle onzin die jij allemaal uitkraamt. Oké, Fransen. Prima. En wat is daar dan mee ?'.
'Niks. Ga maar verder met lezen. Is niet interessant'. Ik wist dat de nieuwsgierigheid het nu ging winnen van de storingsirritatie.

'Wat is daar dan mee ?', herhaalde ze.

'O, wil je het nu toch weten ?'. Ik wist dat het gesprek zo zou lopen.
'Ze hebben maar twee washandjes', zei ik zachtjes terwijl ik me een beetje in haar richting boog.
'Wat zeg je ?', ze hoorde het blijkbaar niet goed.
'Ze hebben maar twee washandjes in gebruik', zei ik nu iets harder.
'Oké. En wat nu ?', de irritatieknop werd weer wat open gedraaid.

'Nou, dat is toch heel raar en heel onhygiënisch ?', stelde ik vast.
'Ja, en hebben ze inmiddels al zichtbare pukkels, exceem of andere niet nader te definiëren plekken ?'.
Ik haalde nu mijn schouders op. 'Niet echt opgevallen, misschien moet ik iets beter kijken'.

'Jij moet helemaal niet kijken. Die mensen leiden hun eigen leven. Laat ze. Mag ik nu weer verder met lezen, of heeft onze Sherlock nog meer geheime zaken ontdekt'.
'Nou, het rare is dat ze met twee washandjes onder de arm gaan douchen', voegde ik eraan toe. 'Dat is een verwonderpunt, toch ?'.
'Hoezo ?'.
'Nou ja, wat moet je ermee', vroeg ik mij af.
'Wat dacht je van de onderkant en bovenkant ? Twee aparte gedeeltes. Héél hygiënisch dus'.

'Laat maar', zuchtte ik.

'Oké', zei ze en trok de libelle weer voor haar neus.

'Ze hebben trouwens dezelfde kleur', zei ik. 'De washandjes. Die van boven en die van onder. Dezelfde kleur. Zwart'.

De libelle zakte nu door een enorme ruk.

'Moet ik het je nu ook nog uitleggen ? Ze hebben dezelfde kleur zodat ze zich niet kunt vergissen. Heel slim die Fransen'. De libelle rukte weer omhoog.

Ik moest deze slimheid nog even laten bezinken.

Bart

Copyright Brompot juni 2017

dinsdag 20 juni 2017

Zwembroek

'Je moet een nieuwe zwembroek', hoorde ik mijn echtgenote vanaf het bedje aan het campingzwembad opmerken. Ik keek om.
'Hoezo een nieuwe zwembroek ?', informeerde ik. 'Hij doet het nog prima, toch ?'.
'Oké, dan niet', klonk het.

Ik hield even in want de ervaring heeft mij geleerd dat de discussie nog niet was beëindigd. Ik ken haar.

'Je loopt straal voor gek', zei ze.

'Wat is er mee aan de hand dan ?', vroeg ik.

'Niets', zei ze. 'Hij doet het nog prima, toch ?'.
Ik proefde enig cynisme in haar stem.

'Hoezo "voor gek" ', herhaalde ik.
'Je billen hangen er half uit'.

Instinctief trok ik de pijpjes iets naar onderen en duwde het stof tegen mijn benen.

'Zo beter ?', vroeg ik.
'Nee'.
'Hoezo nee ?'.
'Je kunt dat stof wel naar beneden trekken, maar je vel blijft hangen'.
'Mijn vel ?'.
'Bart, de rek is niet alleen uit je zwembroek, maar ook uit je billen'.

'O, dank je. En wat nu ?'. Ik lonkte naar het twee meter verderop gelegen zwembad.

'Nieuwe zwembroek met strak elastiek. Dat geeft steun. Aan je billen'.

'Oké, ik kijk wel als we weer thuis zijn', zei ik en wilde verder lopen.

'Draai je eens om ?'. Ze was gloeiende gloeiende nog niet klaar met haar zwembroek-strijd.

Ik draaide ietwat geïrriteerd om.

'Aan de voorkant gaat het ook niet goed hoor', zei ze.
'Wat nou weer'.
'Zakt ook'.
'Het zal'. Ik boog naar voren om te kijken.
'Valt hard mee', concludeerde ik.

Ze schudde haar hoofd. 'Valt niet hard mee'.

'Je gaat me nu toch niet weer iets uitleggen over mijn lichamelijke vel-rek?', vroeg ik.

'Heb je daar nog iets verrassends positiefs over te melden dan ?'. Ze keek me aan zoals ze me vroeger ook vaak aankeek. Ik ontdekte een prettige glimlach op haar gezicht.
Ik glimlachte ernstig terug.

'Zoals gezegd doet alles het nog prima'.

Ik draaide mij om en met een best nog elastische,  jeugdige duik verdween ik in het zembad....

Bart

Copyright brompot juni 2017

vrijdag 16 juni 2017

Opmerkelijke camping-zaken...

Toen ik vanochtend op mijn campingstoel voor onze caravan zat, zag ik hem lopen. Nou ja, lopen, het had meer weg van zeulen. Hij sleurde namelijk een zogenaamd chemisch toilet met zich mee. Voor de uitleg: dat is een soort van dixi in het klein wat tegenwoordig in caravans wordt ingebouwd. Daarmee kun je dan onderweg lekker op je eigen pot zitten.


Uiteraard kun je er ook op de camping gebruik van maken. Er hangt echter één nadeel aan het ding: hij raakt een keer vol en dan moet hij worden geleegd.
En dat was deze voorbijganger nu aan het doen.

Nu zie je er wel meer voorbij sjouwen, maar het bijzondere aan dit geval was dat hij in drie dagen tijd inmiddels voor de vijfde keer met dat ding langsliep om hem te legen. En om dat te bereiken moet er toch een extreem hoge productie zijn geweest.

Ik zei het tegen mijn echtgenote. Maar dat had ik beter niet kunnen doen want ik kreeg meteen de volledige inhoud van een dixi over mij heen. Waar ik op dat tijdstip van de dag, op de nuchtere maag, mij in godsvredesnaam mee bezig hield.

'Tja, die man kan wel hardstikke ziek zijn', zei ik.
'Dan moet hij naar een dokter', klonk de conclusie vanuit de caravan.

'Stel dat hij een bacterie bij zich draagt. Of misschien wel zijn vrouw. Dan worden we straks nog allemaal ziek'. Ik maakte mij er wel wat ongerust over.

'Ik begrijp niet waar jij je druk over maakt, jij bent altijd met dit soort zaken bezig. Soms word ik er echt stapelgek van'.
'Nou, dat valt reuze mee hoor'. Ik werd in de verdediging gedrukt.

'Nee Bart, dat valt helemaal niet mee. Je ziet teveel om je heen gebeuren en verbindt daar onzinnige conclusies aan'. De dixi was nog niet leeg.

'Gisteren had je het over de buren waarvan jij suggereerde dat ze ruzie hadden. Eergisteren over een paar Fransen die vis aten en waarvan jij suggereerde dat die bedorven was. En ze leven nog steeds, Bart'.

'Die lui hadden echt ruzie. Ik ken mijn talen. En die vis stonk als de hel. Die was echt niet goed'.

'In jouw ogen stinkt elke vis omdat je nu eenmaal denkt als de bekende boer: wat hij niet kent, dat vreet ie niet. Hou op met dat commentaar op anderen en let op jezelf'. De bak was nu leeg en ik kon doorspoelen.

'En ga vooral iets zinnigs doen', toch nog een toegift. Ze verdween met een nijdig gezicht in de caravan.

Iets zinnigs... ik heb mijn tablet gepakt en er een column over geschreven.

Bart

Copyright Brompot juni 2017

woensdag 14 juni 2017

Hollandse gezelligheid....

Ik had het meteen in de gaten. Ik heb daar namelijk een speciale neus voor ontwikkeld, die begint te lopen als ze mijn allergiecirkel dreigen binnen te dringen.

Het gaat over de "gezellige nederlander".

En ik mag barsten als het niet waar is: al rijd je vijftienhonderd kilometer van huis, op elke camping tref je dit soort pretletters aan.

Het setje wat mijn reukorgaan binnensloop kwam uit friesland. Uit Sneek. Nou ja, Sneek, als ik ze goed heb verstaan kwamen ze voort uit Snits. Dat moet daar ergens in de buurt liggen.

Als waarschuwing voor hun nationalistisch gedrag hadden ze maar een vlag aan hun tentstok geknoopt. Een lap stof met blauwe banen en gegarneerd met rode hartjes. Kon je er rekening mee houden.

Om in populairiteit wat te groeien, hadden ze speciaal voor hun aanstaande activiteit een oranje shirtje aangetrokken met daarbij een passend oranje petje. Ik miste nog de tekst "wk Műnchen 1974" want zo oud was het spul al wel.

Zowel de "Mem" als de "Heit" droegen beide een klembordje onder hun arm en stroopten alle hollanders af. Doel: het opzetten van een jeux-de-boules en klaverjas competitie wat zou moeten uitgroeien tot een heus toenooi wat dan elk weekend zou worden gehouden. Hoofdprijs: een fles wijn. Troostprijs: een fles wijn. Inleg: vijf euro. Zij was van de kaarten en hij van de ballen.

Nu moet ik bekennen dat ik aan drie dingen in mijn leven een pesthekel heb. Eigenlijk vier want behalve jeux-de-boules, klaverjassen en hollandse gezelligeheid op een camping, kan ik heel slecht tegen opdringerig volk wat meent dat ik tijdens mijn vakantie behoefte zou hebben aan dit soort gedoe. Ze stonden dus op voorhand al met 4-0 achter.

'Goedemorgen, en heeft u lekker geslapen ?', vroeg hij terwijl hij ons terreintje op kwam lopen. Zij, twee koppen kleiner, dreutelde er achteraan.
'Nee, niet zo best', zei ik. Mijn echtgenote keek vol ongeloof want even daarvoor had ik de recente nachtrust nog geroemd.
Voordat ze iets kon zeggen, pakte ik opnieuw de microfoon.

'Ik heb heel naar gedroomd', zei ik.
'O, dat is vervelend', wist Mem. 'Maar gelukkig zijn dromen bedrog'. ze lachte als een echte Camilla Parker Bowles, als een fries stamboekpaard.

'Dromen ? Jij ?', vroeg mijn echtgenote nog steeds vol ongeloof.

'Ja, ik droomde dat ik werd uitgenodigd om aan een jeux-de-boules wedstrijd mee te doen'.
'Daar heb jij toch een pesthekel aan ?'. Ze speelde het spelletje nu mee.
'Ja, maar die organisator bleef maar doorzeuren'.

'O, ja dat is een echt nare droom, bijna een nachtmerrie. En hoe liep het af ?', infomeerde ze quasi ongeduldig.

'Ik heb een compleet setje ballen bovenhands naar zijn kop gegooid en vervolgens in zijn miegel gepropt', lachte ik terwijl ik de Heit aankeek.
'Wat is eigenlijk het doel van uw komst ? ', vroeg ik verder.

Hij stamelde wat, kuchte een keer en keek toen geinteresseerd naar zijn klembord. 'Ik ben verkeerd, ik moet bij uw buren zijn, excuus'. Hij lachte als een friese boer met kiespijn.

Ze knikten een keer en verdwenen.

De rest van de vakantie niets meer over enig toernooi gehoord.

Geweldig.

Bart

Copyright brompot juni 2017

zondag 11 juni 2017

De Yeti

Ze kwamen aan in een Skoda. Zo'n vierkante bak van het model Yeti. Een leuk autootje waar je volgens de optimistische folder lekker in kunt zitten en die  daarnaast ook nog over een enorme ruime laadbak beschikt. "Ideaal" om mee te gaan kamperen.

Nu kan ik mij vanuit mijn sprookjestijd herinneren dat een Yeti iets met een verschrikkelijke sneeuwman te maken heeft en dat zou met zo'n Skoda best eens kunnen kloppen.

Nu gaat deze column gelukkig niet over auto's. Tenminste niet anders dan dat het setje met zo'n Yeti binnen kwam rollen op onze camping.

Ik had het na het standaard uitstapritueel meteen in de gaten: het werd allemaal een beetje voorzichtig aftasten. Ze kenden elkaar vast nog niet zo lang en naar mijn idee had een ieder zo zijn eigen spullen in de vast nog broze relatie ingebracht. Zoiets voel ik altijd aan en meestal heb ik het wel goed.

Hij had een klapstoel ingebracht. Zij ongetwijfeld "haar" Yeti, met daarachter vastgeknoopt "haar" caravannetje en toen ze uiteindelijk het spul op de plek hadden staan, ging het achterklepje open en kwam "haar" hond tevoorschijn.

Je kon duidelijk zien dat het dampende bakbeest van haar was want hij jumpte eruit, duwde haar omver, sprong er met vier poten bovenop en gaf het vrouwtje een ongekende likbeurt. En dan gegarneerd met van die lange drellen stinkend slijm

'Die hoef je voorlopig niet meer te kussen, knul', concludeerde ik zacht.

Hij stond er een beetje beteuterd bij te kijken en wist even niet goed wat te doen. O ja, proberen vriendjes te worden.

Hij naderde Pluto uiterst voorzichtig en probeerde hem te aaien. Helaas, het bakbeest draaide zijn vervaarlijke kop in zijn richting, liet zijn tanden zien en gromde zwaar. 'Opzouten jij, indringer, het is mijn vrouwtje. Daar blijf jij vanaf'.

Ik vond het allemaal best vermakelijk en vroeg me af hoe dat die komende nachten zou moeten gaan. In bed bedoel ik. Hij op het matje vóór het bed, zij erin met Pluto. En hij had zich ongetwijfeld nog zó voorgenomen om de vakantieweken goed te besteden. Flink te investeren in de liefde want gelet op zijn wat bleke bekkie, en de enorme zorgwallen onder zijn ogen was hij daar behoorlijk aan toe.

'Floor, af nu', klonk het commando. Floor was nog niet helemaal klaar.

De nieuwe vriend deed nu ook een duit in het zakje. 'Kom Floor, luisteren naar het vrouwtje', riep hij met een overdreven vriendelijke stem.
Floor keek hem aan. 'Bemoei je met je eigen zaken, sukkel, ik bepaal zelf wel wanneer ik loslaat'.

Vriendje deinsde angstvallig iets terug.

'Floor, nu is het genoeg. AFFFFF, LOSSSS, AFFFF...

Floor haalde nog één keer aan, gaf haar een laatse lik, sprong er toen af en ging hijgend naast haar liggen.
Ze kwam nu lachend overeind en aaide hem nog een keer over zijn kop. 'Floor is lief hè, ja braaf, braaf zo'.

'Ja hè Floor, braaf hoor', probeerde hij opnieuw. Je moet nu eenmaal investeren in een relatie.

Floor had zo zijn eigen opvatting over investeren. Hij gromde tegen blaffen aan.

'Dit komt niet goed', fluisterde ik mijn echtgenote in het oor.
'Jawel hoor', lachte ze.

Toen we die avond in onze caravan op bed lagen, hoorde ik gestommel bij de buren. Er ging een caravandeur open, en weer dicht, een Yetideur open en weer dicht, opnieuw een caravandeur open en weer dicht.

'Floor ligt bij de verschrikkelijke sneeuwman', grapte mijn echtgenote.
'Party-time voor de buurman', lachte ik terug.

Toen ik de volgende ochtend vroeg aan een bakkie pleur voor de caravan zat, hoorde ik gestommel in de Yeti. De hond had het vast warm want er stond geen raam open en de binnenzijde van de ruiten waren flink beslagen.

Toch sneu, zo'n hond in zo'n auto, vond ik.

Plotseling echter klapte de achterdeur open en verschenen er twee blote benen die hun oorsprong ergens in een gestreepte onderbroek vonden.

Nadat ze op het gras waren geland en op stevigheid getest, verscheen het bovenste gedeelte.

De Yeti. Hij keek me aan met een soort van opperste wanhoop. 

'Floor ?', vroeg ik.

Hij knikte verdrietig.

Bart

Copyright brompot, juni 2017

donderdag 8 juni 2017

Ballet-les

'Opa, zal ik jou ballet leren ?', vroeg mijn kleindochter van bijna vier tijdens een oppas-dag. Ik zat aan de koffie en bestudeerde net op dat moment een facebook bericht met de aanbieding van een pot wonderpillen waarmee je binnen een week tien kilo kon afvallen.

'Wat zeg je, meiske ?', vroeg ik terwijl ik de telefoon weglegde.

'Wil jij met mij ballet doen ?', herhaalde ze. Ze stond nu voor me en keek me hoopvol aan.
'Opa is niet meer zo goed in ballet, misschien dat oma...'. Ik kreeg de kans niet om mijn zin af te maken.
'Nee, oma kan het niet. Jij moet balletten'.
'Maar opa kan het ook niet', probeerde ik nog.

'Ach joh, gewoon even meespelen', fluisterde mijn echtgenote in mijn oor.

'Oké dan, maar dan moet jij maar zeggen wat ik moet doen', zei ik.
'Kom maar opa, naar de keuken'.


Ik stond met enige tegenzin op en liet me afvoeren richting Carré.
Daar aangekomen werd ik op mijn plaats gezet en kon "het zwanenmeer" beginnen.

'Je moet eerst je handen boven de hoofd doen, opa', zei ze streng. Ze deed het voor en ik deed het na.

'Ziet er vertederend uit', riep iemand uit het publiek.

'En nu draaien opa'.
Ik draaide voetje voor voetje totdat ik de 360 graden had bereikt.
'En wat nu ?', vroeg ik.

'Nu moet je de been omhoog doen en voet op de knie'. Ze deed het wederom soepeltjes voor. Ik stijfjes na en moest me aan het aanrecht vastklampen om niet met kleren en al in het zwanenmeer te donderen.

Ze keurde het af.

'Nee opa, je moet de handen boven de hoofd doen, en de voet op de knie. Ze zakte op haar knietjes en drukte mijn voet op zijn plek tegen mijn knie.
'Zo moet dat, en nu springen, opa'.

Ik probeerde de hele handel aan de zwaartekracht te onttrekken maar kwam geen milimeter los. Zij zweefde ondertussen als een prachtig vederlicht zwaantje over de bühne.

Vanuit het publiek werden er nu foto's gemaakt. Of misschien wel een filmpje.

'Ik mis wel een tutu', riep mijn echtgenote enthousiast.
Ik stak mijn tong uit.

'Dansen opa, dansen !', riep mijn kleindochter terwijl ze steeds wilder om mij heen vloog.

Mijn echtgenote stond op, verdween in de gang en keerde terug met een stuk vitrage.

'Kom, even een tutu maken'. Voordag ik het goed en wel in de gaten had, was mijn lompe lijf opgeleukt met een stuk gordijn. Mijn kleindochter gilde het uit.
'Opa, dansen, dansen, dansen !!!!!!'. Ik huppelde nog steeds met mijn armen hoog wat hulpeloos heen en weer.

'Je moet eigenlijk op je tenen dansen', lachte mijn echtgenote vanuit de zaal. Tja en dan wordt je overmoedig. Inmiddels was YouTube aangezet en galmde Tsjaikovski door Carré. Nu nog mijn tenen....

Om een lang "bedrijf" wat in te korten: de tenen van mijn rechtervoet knakten onder het gewicht van de overgewichtige zwaan en het doek kon dicht.

Toen ik wat later geblesseerd uit het theater terugkeerde en uitgeput op de bank plofte, ben ik toch nog even op zoek gegaan op facebook.

Zo'n pot wonderpillen is bij nader inzien misschien niet eens zo'n slecht idee....

Bart

Copyright brompot juni 2017

'

dinsdag 6 juni 2017

Een hollands bakje koffie




'U kunt daar plaatsnemen en een kopje koffie pakken', zei een vriendelijke receptioniste. Ze was achter haar werkplek vandaan gekomen om mij te woord te staan. Ik vind dat altijd prettig. Niet zo'n wuftige juf die ongeinteresseerd haar nagels zit te vijlen terwijl ze met je in gesprek is. Nee, ze was oprecht geïnteresseerd in mijn komst en behandelde mij met alle égards.

Ik kreeg overigens het gevoel dat deze "persoonlijke" benadering wellicht mede werd ingegeven omdat ik misschien wel een aantrekkelijk ogende zestiger ben. Ik weet dat er vrouwen zijn die het prettig vinden om met zo'n leuke, levenservaren man in gesprek te geraken. Nou ja, vrouwen, laat ik het zo stellen: van één vrouw weet ik het zeker. Mijn echtgenote.

Ik liep naar de aangegeven plaats. Een notenhouten tafel met een gemonteerde krantenbak en drie i-pads om mobiel te kunnen werken terwijl je wacht. Toen naar de luxe koffieautomaat. En dat heb ik dan weer: vijftien keuzeknoppen met de meest fantastische benamingen maar de knop voor een simpel bakkie hollandse koffie ontbrak.

Tja, en daar sta je dan. Expresso, dubbele expresso, koffie verkeerd, koffie met melk, amerikaanse koffie, nog wat onbegrijpelijke italiaanse knoppen... Ik keek hulpeloos om mij heen...

'Kunt u het vinden ?', hoorde ik de vrolijke stem van de receptioniste. Ze kwam met korte pasjes hoog-gehakt aangedribbeld.

'Hoe kom ik aan een hollandse bak koffie ?', vroeg ik.

Ze lachte. En dan op een manier dat je bij jezelf denkt: wat een een leuke lach. Echt gemeend.

'Ik heb al eens naar mijn manager geroepen dat er de volgende keer een eenvoudiger apparaat moet komen. Het gaat zo vaak mis'.

Ze pakte het lege kopje van mij aan en plaatste hem onder het apparaat.

'Kijk, dan moet je op deze knop drukken. Melange koffie. En dan wordt er een oer-hollands kopje koffie gezet'.

Ik knikte. 'Oké, dat is dus de truc'.

Samen keken we stilletjes naar de verrichtingen van het apparaat. Bonen malen, een beetje gekreun en gesteun en het gekletter van de koffie in het kopje.

'Dank u wel, zo lukt het verder wel hoor', blaatte ik.

'In deze bakjes vind u de melk en eventueel de suiker. U gaat het redden zo ?', informeerde ze nog.

'Ja hoor', zei ik op een wellicht iets te leuke toon.

Ze tripte weer weg op haar tikkenden hakken.
Ik nam mijn koffie, pakte een cupje melk, een houten roerstaafje en nam plaats. Terwijl ik nog even in haar richting keek, drukte ik met mijn duim in het alluminium dekseltje van het cupje koffiemelk.

Ik voelde meteen dat het mis was: de melk spatte eruit en drupte op mijn broek.
Ik keek snel om mij heen op zoek naar ongewenste getuigen. En ja, uiteraard, zij keek op dat moment vanachter haar werkplek. Ze schoot in de lach. Ik voelde een rode kleur stijgen en probeerde de schade wat weg te wrijven. Echter, voordat ik de zaak had weggedweild stond ze naast me met een stapeltje servetjes.

'Dat gebeurt zo vaak', zei ze. 'Je kunt beter van die melkpoederstaafjes hebben. Dat is veiliger voor de klant'. Ze knipoogde. Ik kreeg het nu nog warmer. Wát een aardige vrouw en wát een prettige behandeling. Dit was echt "gemeend" persoonlijk.

Nadat ze weer achter haar desk zat, vroeg ik mij af wat mij nu zo speciaal maakte dat ze zo geïnteresseerd was in mijn persoon. Mijn grijze haar misschien ? Mijn door de zon gebruinde gezicht ? Mijn plooien ? Mijn iets te dikke lijf ?.

Terwijl ik zo zat te mijmeren kwam er een nieuwe klant binnen. De receptioniste schoot achter haar bureau vandaan en begroette de klant zo mogelijk nog vriendelijker dan ze mij had gedaan.
Ik ontdekte een jonge god van naar schatting zo rond de dertig...

Terwijl ze god naar de koffieautomaat sleurde om ongetwijfeld hulp te bieden bij het zetten van een oer-hollands kopje koffie, klapte ik met een forse dreun terug op aarde.

Ik ben zonder verder op te kijken aan de gemonteerde krantenbak begonnen.

Bart

Copyright Brompot juni 2017

zondag 4 juni 2017

De lift....


'Even iets inschikken, anders gaat de deur niet dicht', riep mijn vriend die als laatste de hotellift instapte en probeerde een comfortabel plekje te bemachtigen op de beschikbare 2,5 vierkante meter liftvloer. We stonden er al met zijn drieen opééngepakt. Inclusief rugtassen. Het was rond tien uur en dat was tevens het tijdstip waarop we een afspraak hadden met een reisleidster van de organiserende reisclub waarbij we deze reis naar het Griekse Zakhintos hadden geboekt. Haast geboden.

Hij drukte op de knop "begane grond" en op commando voerde de binnen-klapdeur de opdracht uit door dicht te klappen. Klaar voor vertrek. En jawel, de lift kwam in beweging.

Het was warm, buiten flitste de thermometer inmiddels voorbij de vijfentwintig graden en binnen de liftkooi was de temperatuur, dankzij de vier in het plafond gemonteerde spotjes, zo mogelijk nog hoger opgelopen.

'Warm hier', pufte mijn echtgenote. Er werd nu als reactie klassikaal gepuft.
Vol ongeduld staarden we naar het digitale schermpje waar inmiddels het cijfer twee met een bekend zuid-europees tempo voorbij schoof, op weg naar de één en verder.

Plotseling remde de kooi af en kwam tot stilstand. We keken elkaar aan en mijn vriend haalde zijn schouders op. Hij drukte nogmaals op de één.
Er gebeurde niets.

De aan en uitknop geprobeerd....
Geen beweging.

Ook het digitale schermpje gaf geen sjoege. Hij was en bleef zwart.

'Ik druk op het alarm', riep mijn vriend kordaat. Binnen de kooi weerklonk het aanzwellende geluid van een roedel jankende weerwolven.
Knop los.
Stilte.
Geen reactie.

Ik keek naar een bordje wat op de wand was geplakt. Waarschijnlijk stonden daar de "wat te doen bij" instructies. Op zijn Grieks.

Nogmaals het alarm...
Knop los.
Stilte.
Geen reactie.

'Ik krijg het nu wel erg warm', hoorde ik iemand klagen.
'En ik krijg het benauwd. Komt er wel ergens zuurstof binnen ?'.

Ik schrok. Zuurstof. Ik zag nu de condensdruppels langs de wand naar onderen zakken.

'Zit er geen luik in het dak ?', vroeg ik. Mijn vriend duwde tegen het plafond. De sierplaat met de spotjes kierde waardoor het echte plafond zichtbaar werd. Hij bleek keurig afgelast. Geen luik en potdicht.

Toen de sierplaat weer op zijn plek viel, schoten de gloeiend hete spotjes los en bleven tien centimeter lager als slingers aan het snoertje hangen. Ik probeerde ze terug te duwen in hun sponning. Helaas, verder dan een brandblaar kwam ik niet.

Er begon nu toch wat paniek te ontstaan. De receptie zetelde in een ander gebouw en verder bleek er niemand in de buurt. Ook bleek er geen alarmverbinding te bestaan tussen de lift en de receptie.

Opnieuw het alarm, nu een paar minuten achtereen.
Knop los.
Stilte.
Geen reactie.

'Dan maar allemaal schreeuwen'.

We schreeuwden ons de longen uit het lijf, dreunden met onze knuisten op de stalen klapdeur en mijn vriend bleef nu onafgebroken de weerwolven knijpen.
'Dit moeten ze zelfs thuis kunnen horen', schreeuwde mijn echtgenote boven het kabaal uit.
Ik kweekte er ondertussen nog een brandblaar bij. Op mijn oorschelp. Het spotje was gloeiend...

Stilte.
Geen reactie.

De atmosfeer begon nu echt bedompt te worden. Dit moest niet te lang meer duren.

'Nog maar een keer', riep ik.

Opnieuw een oorverdovend kabaal....
Stilte.

'Ssssssttttttt', riep mijn vriend terwijl hij een vinger verticaal voor zijn mond hield.

'Is daar iemand in de lift ?', hoorde we een zachte hollandse stem ergens vanuit de diepte roepen.
'Ja, kunt u met spoed de receptie waarschuwen ? We zitten vast'.

'Waar zit u vast ?'.

'In de lift, tussen de tweede en de eerste verdieping, haal snel de receptionist erbij. We stikken !!!!'.

Vijf minuten later kwam de kooi na een technische ingreep in beweging, stopte op zijn eindpunt en klapte de deur open. Opgelucht stapten we uit en ruim twintig minuten later dan gepland stormden we alsnog het zaaltje binnen waar de reisjuf de overbekende excursiekleedjes verkocht.

We hebben inmiddels collectief besloten niet meer met deze lift te reizen.
Ik overweeg vanwege de brandblaar en de opgelopen emotionele schade nog een letselschadeadvocaat.

Bart

Copyright Brompot juni 2017

donderdag 1 juni 2017

Een bushaltegesprek.

Het komt slechts zelden voor, maar ik stond er. Bij de bushalte. Om mijzelf tegen een vergoeding van A naar B te laten vervoeren. En ik was niet de enige die dit van plan was. Naast mij stond een bejaarde dame die behalve om een busritje blijkbaar ook om een praatje verlegen zat.

'Wat een lekker weer is het toch. Gewoonweg heerlijk', vatte ze al zendend samen.
'Ja, inderdaad, heerlijk weer', zei ik terwijl ik aanstalte maakte om in het bushokje wat heen en weer te drentelen. Ze hield me tegen met haar stem.

'We hebben dit ook wel verdiend, het was de laatste tijd te koud, vind u niet ?'.

Ja, eigenlijk vond ik dat ook. Maar ik had niet zo'n zin om te praten. Zij wel.

'En je ziet nu de hele natuur opvrolijken', ging ze verder. Ik vermoedde dat er een opsomming kwam.

'De bladeren aan de bomen, de planten in bloei, het gras wat zo heerlijk ruikt. De vogels druk met nesten... zo fijn allemaal. Ik krijg gewoon weer zin in het leven'.

Ik glimlachte voorzichtig. Ik besloot er niet op in te gaan. Voordat je het weet wordt je vergiftigd met de memoires van een vreemde.

'Ziet u, mijn man is vorig jaar overleden'.

Tja, dat bedoelde ik. Ik voelde dat ik uit mijn veilige tent werd gelokt.

'Ja, dat zijn vervelende dingen', perste ik er met een in beleefdheid gedompelde tegenzin uit terwijl ik wat korte pasjes maakte en een steentje in de goot trapte.

'Inderdaad, en dan blijf je alleen over. We hebben namelijk geen kinderen', voegde ze er wat verdrietig aan toe.

'Dan wordt het leven wel heel eenzaam', mekkerde ik op de maat van de treurnis.

'Maar ik heb nog wel een zuster. Ook weduwe. We slepen elkaar er doorheen. Dus zo eenzaam ben ik dan gelukkig weer niet. Ik ben trouwend onderweg naar haar toe, ze woont in Doesburg'.

Ik gunde mijn stem wat rust.

'Heeft u kinderen ?', vroeg ze.

Ik knikte.

'Leuk', concludeerde ze zoals kinderlozen, niet gehinderd door enige opvoedkundige ervaring, vaak plegen te concluderen.
'En u bent misschien al opa ?', vroeg ze met enige voorzichtigheid.

Ik knikte.

'U bent vast een leuke opa', borduurde ze verder.

Ik haalde mijn schouders op en probeerde een prettig trekje te toveren.

'En hoeveel kleinkinderen heeft u ?'.

'Vier. Drie jongens en een meisje', specificeerde ik maar meteen door.

'Ach wat leuk'.

Ze frommelde wat aan haar kleding en pakte haar portemonnee uit haar witte handtas.

'Toch ben ik blij dat ik een vestje aan heb getrokken. Het lijkt wel mooi, maar zo bij de halte...', zei ze na een alinea vol stilte.

Ik knikte.

De bus kwam eraan.
Toen de deur voor mijn neus openklapte liet ik haar beleefd voorgaan.

Even later liep ik aan haar voorbij, knikte vriendelijk en nam op veilige afstand plaats.

Bart

Copyright Brompot mei 2017

maandag 22 mei 2017

De knutsel-oppasdag




'Opa, kan jij voor mij een vliegtuigje vouwen ?'.
Voor mij stond mijn kleinzoon met een velletje wit papier in zijn hand wat hij ergens van een blocknote had afgescheurd.

'O ja hoor, dat kan opa wel', riep mijn echtgenote vol vertrouwen vanuit de keuken.
'Ik hoor net dat opa dat kan', zei ik met een licht cynisme in mijn stem.

Hij legde het velletje voor mij op tafel en bleef erbij staan kijken.

'Tja, wat voor vliegtuig wil je dan ?', vroeg ik in de hoop dat hij de rest van de dag zou gaan nadenken.
'Zoals papa die altijd maakt', klonk het. Hij ketste daarmee een extra moeilijke hobbel op de route want nu moest hij ook nog ergens op gaan lijken.
'Zal opa dan een raket vouwen ?', stelde ik voor. 'Nee, zoals papa doet'.

'Dat kan opa heel goed hoor'. De bemoeizucht vloog vanuit de keuken naar de kamer en viel met een zware plof pal voor mij op tafel. Ik stuurde een diepe veelbetekenende zucht-zonder-tekst retour.
'Ga jij nog maar even spelen nog, vent, dan gaat opa vouwen. Als hij klaar is, dan roep ik wel'.
Hij bleef staan.

'Wanneer begin je opa ?', vroeg hij ongeduldig.
'Opa moet heel even nadenken', zei ik om wat extra tijd in te kopen.
'Papa kan dat heel snel', voegde hij eraan toe.

'Kom op opa, hoe moeilijk kan het zijn', riep de keuken.

'Ik denk dat oma het beter kan'.
'Oma heeft nu geen tijd, ik ben aan het soppen'.
'Dacht al zoiets', bromde ik. 'Zo gaat dat meestal'.

Plotseling herinnerde ik mij nog dat er op zolder ergens een doos vol knutselspullen moest staan. Mijn redding.
'Opa moet even naar zolder, ik kom zo terug en dan maak ik een heel mooi vliegtuig voor je'.

'Wat ga je doen ?', vroeg de keuken.
'Even naar zolder'. Ik stond op en liep de trap op.

Wat later vond ik eindelijk de verhuisdoos die inmiddels een jaartje stond te wachten om uitgepakt te worden. Ik trok hem open, het werd vervolgens even zoeken maar toen had ik het te pakken. "Origami voor de beginnende vouwer". Ik pakte het boekje, stootte nog even mijn hoofd aan de lage dakbalken en strompelde toen terug naar de kamer.

'Waar bleef je zo lang ?', informeerde mijn echtgenote.
Triomfantelijk hield ik het boekje omhoog. 'Het vouwen van een vliegtuig', riep ik enthousiast. 'Fluitje van een cent'.

Ofschoon het zo op het eerste oog niet erg op een vliegtuig leek, vond ik op bladzijde tien toch iets wat in de buurt kwam. Mijn kleinzoon was er in ieder geval enthousiast over, en dus begon ik aan de vouwklus.

Half uur later pakte ik met een diepe zucht het laatste velletje in een poging nu tot een luchtwaardig ding te komen en waarmee mijn kleinzoon tevreden zou zijn.

'Het lijkt nergens op', zei mijn echtgenote.
'Moet jij niet soppen ?', informeerde ik op zoek naar rust.
'Opa wat is dat ?', mijn kleinzoon keek beteutert naar de berg mislukte papiertjes en het ding wat nu onder mijn vingers zijn voltooiing naderde. Ik was inmiddels een uur verder.

'Oma, ik wil niet meer een vliegtuig, ik wil een boot. Zoals papa altijd doet. Kan jij dat ?'. Oma knikte enthousiast.

Ik keek ondertussen even naar het miegeltje van het manneke en toen naar mijn creatie. Met een beetje proppen moest het passen.

Bart

Copyright brompot mei 2017

zaterdag 20 mei 2017

Middagje Hamburgerstraat

Onbedoeld kwamen we terecht in een enorme heksenketel. Een kakafonie van bandjes en loslopende muzikanten die volgens mijn echtgenote ter ere van de afsluiting van de avondvierdaagse hun optredens verzorgden. En aangezien onze kleinzoon meedeed aan deze volstrekt nutteloze onderneming, sloot ik mij enthousiast aan en storte mij in een wereld vol Doetinchemse gezelligheid.

Terwijl mijn familie het enorm gapende tijdsgat tussen vertrek verzamellokatie Metzo en finish op het plein voor het gemeentehuis vulden met het doorlopen van de nog resterende kledingzaken die Doetinchem rijk is, plofte ik van lieverlee maar op een bank in de Hamburgerstraat. De familie heeft liever niet dat ik mee ga shoppen.

Ik kan me overigens nog steeds mateloos ergeren aan de derde-rangs architect die ooit had begrepen dat niet de Achterhoek als gebied maar juist de achterhoeker als mens zou krimpen. Qua lengte. En als gevolg daarvan alvast een voorschot had genomen op de hoogte van het zitvlak van de bank: ca 10 centimeter van de grond. Direct gevolg: tegen die tijd dat je zit heb je een dubbele hernia en kom je er zonder takel of ziekenhuis-papagaai nooit meer af.

Ik zat daar dus te zitten en een beetje dom voor mij uit te staren. Er viel weinig intelligents te zien. Ja, een paar dames met op hun hoofd een feestelijke papieren puntmuts. Blijkbaar bezig met een soort van vrijgezellenmiddag hetgeen werd bevestigd door de aanwezigheid van één dame waarbij het vriendinnengroepje nog een ludiek grapje had toegepast. Hou je vast: ze hadden een snor onder haar neus getekend. Men had beter voor een sik kunnen kiezen want echt vrolijk keek deze aanstaande bruid niet.

Ik moest er nog even over nadenken. Over de geschiedenis van dit inmiddels tot op het bot toe versleten fenomeen: dit was zó 1972. Wellicht had de toekomstig echtgenoot dit in gang gezet zodat hij de handen vrij had om zich in het bijzijn van zijn vrienden nog een keer lekker ouderwets en ongestoord vol te laten lopen in de bananenbar op de Amsterdamse wallen.

Naast mij zat een oudere man, ik denk een opa, die door zijn kinderen op het bankje was gedropt met de opdracht naar het vierdaagse wandelende kleinkind te zwaaien. Hij had een snoepzakje-met-halsketting op schoot alsmede een papieren vlaggetje van de plaatselijke Jumbo om het kind als ware het een Max Verstappen bij de finish af te kunnen vlaggen.

Plotseling verscheen er vanuit het niets een fietsend muziekkorps. Ik miste even de link tussen het wandelevenement en de fietsende fanfare. Maar zoals gezegd mis ik sowieso het nut van dit soort activiteiten. Ja, het is een prestatie om de tocht te volbrengen, dat wel, maar dat is een middagje winkelen ook. En dan staat er niemand met een snoepzakje en een Jumbo-vlaggetje bij de finish.

Opeens klonk er een vingerfluit. Ik moest in beweging want de wandelclub was in aantocht. Snel zocht ik een plek tussen het publiek, ergerde me nog kort aan een sukkel die voordrong maar kreeg toen onze kleine man in beeld. Lekker enthousiast huppelde hij met zijn klasgenootjes door de erehaag.

'Dat is mijn kleinzoon', riep ik als een grijze pouw zo trots tegen een dame naast mij.
'Ja, dat is toch een prachtige activiteit voor die kinderen. En een hele prestatie. HENKIEEEEE !', schreeuwde ze enthousiast. Ik kreeg een bos tulpen in mijn snuit gedrukt.

Ik ben snel naar mijn manneke toegelopen en heb hem een dikke knuffel gegeven. Vervolgens zijn we hand in hand achter de muziek aan naar de finish gelopen.

Het was een geweldige middag.

Bart

Copyright brompot mei 2017

donderdag 18 mei 2017

Onwillig..

'En wat gaan we er nu concreet aan doen ?', vroeg hij. 'Dit kan hier niet zo blijven liggen'.
Ik keek somber naar de scherven van iets wat even daarvoor nog een volle pot doperwten was geweest. De groene erwtjes lagen er wat sneu tussen, zich ongetwijfeld realiserend dat dit het onverbiddelijke einde betekende van de voedselcirkel waar ze deel van uitmaakten.

'Tja, ik denk dan aan iets van een bezem ?'.
Hij keek mij aan. 'Denkt u dit enkel met een bezem op te kunnen lossen ?'.
'Heeft u een beter voorstel dan ?', vroeg ik.
'Nee, maar die hoef ik ook niet te hebben. Het is namelijk uw probleem. U laat die pot hier vallen '.

'Heeft u nu een bezem of niet ?', herhaalde ik ongeduldig. Ik had geen zin om hier nog een urenlange discussie te voeren rond de "onnut" van het uit mijn handen laten vallen van een pot doperwten. Bovendien moest ik nog een nieuwe scoren.

'Ja, die heb ik'.
'Mag ik die dan van u gebruiken ? Dan is het snel opgelost'.

'En hoe raapt u de bijeen geveegde rommel dan op ?'. Mij bekroop het gevoel hier te maken te hebben met een machtswellusteling die er het duivelse genoegen in had om me zo afhankelijk mogelijk te laten voelen.

'Met een stoffer en blik', stelde ik impulsief voor.
'Heeft u die dan ?', dramde hij door.
Ik klopte zoekend op mijn zakken. 'Ik geloof het niet. Helemaal vergeten mee te nemen. Zou ik die dan ook even mogen lenen ?'.

'Toe maar, ook nog een stoffer en blik'. Hij slaakte een zucht.

'Maar dan ben ik er nog niet. Ik heb namelijk ook geen vuilnisbak bij me. Mag ik het dan bij u in de kliko mikken ?'. Een eerbaar voorstel.... hij schudde echter fanatiek met zijn arrogante kop.

'Ik wil dat glas absoluut niet in mijn vuilnisbak meneer', zei hij streng. 'Wij scheiden hier alle afval'.

'Waar moet ik het dán laten ?'. Hij haalde zijn schouders op.
'Ik zou het meenemen naar huis en daar weggooien'.

'En hoe meenemen ? In mijn hand ?', vroeg ik nijdig terwijl ik ze veelbetekenend naar voren stak.
'Dat is wederom UW probleem meneer'.

Ik was er helemaal mee klaar. Tijd voor een evaluatie.

'Meneer, ik laat voor uw deur per ongeluk een pot doperwten vallen. Ik wil het opruimen. Zoals het ook hoort. Ik vraag om een bezem, aansluitend om een stoffer-en-blik en verzoek gebruik te mogen maken van uw kliko. Het enige wat u bijdraagt is de melding dat het vooral MIJN probleem is. Wat verwacht u nu nog meer van mij ?'. Ik was inmiddels tot wit-heet opgestookt.

'Ik verwacht dat het wordt opgeruimd', zei hij hatelijk rustig.

'Dat verwacht ik inmiddels ook', zei ik. 'Succes ermee'.

Ofschoon de man nog stevig protesteerde, verliet ik met grote driftige passen de crime-scene.

Toen ik die middag nog even langsfietste was de rommel opgeruimd en ongetwijfeld in de kliko beland.

Ik vermoed met behulp van een pincet.

Bart

Copyright Brompot mei 2017

dinsdag 16 mei 2017

Een lesje

'En toen kwam ik net de bocht om en was het raak', zei ze.

Ze zat naast me op een bankje aan het oude-ijssel-haventje. Ik zat even uit te puffen van een fietstocht en zij zocht blijkbaar aanspraak en was naast mij gaan zitten. Ze klaagde over "roekeloos fietsende jeugdpuisten die elke verkeersregel aan hun laars lappen" .

'Veel schade ?', informeerde ik quasi belangstellend. Ik was zo langzamerhand wel klaar met het geklaag en maakte aanstalten om verder te gaan.

'Nou, die schade viel uiteindelijk wel mee, een krom voorspadbord en een kapotte koplamp'.
'O, gelukkig dan maar', zei ik kort.

'Maar ik zat zelf wel in de kreukels', ging ze onverstoorbaar verder. 'Kapotte knie, hand geschaafd en een behoorlijke buil op mijn voorhoofd'. Ik keek automatisch naar het voorhoofd. Kon weinig afwijkends ontdekken.

'Hij is inmiddels al behoorlijk geslonken', stelde ik geruststellend vast.

'Maar het doet nog wel zeer als ik er overheen wrijf. En mijn knie doet ook nog steeds zeer'. Ze bukte zich, pakte de rechter pijp van haar broek en trok hem hoog tot net boven de knie. Behalve een stuk kous die om haar kuit knelde, viel er weinig te zien. 'Valt ook nog wel mee, toch ?', zei ik.

'De pijn meneer, het doet zeer. Binnenin is het niet goed'.
'Is er al een foto van gemaakt ?', vroeg ik.
'Nee, dat vond de dokter niet nodig. Het moet met een paar weken over zijn'.
'O dan, dan komt het vast allemaal weer goed'. Ik schoof onderhand naar voren, klaar om op te staan.
De broekspijp werd nu weer naar beneden geduwd.

'Maar wat vindt u dan van de brutaliteit van de jeugd', vroeg ze. 'Het is toch ongehoord. Hij riep alleen maar "sorry" en fietste toen gewoon door'.

'Ik vind er niks van, mevrouw. Jeugd is jeugd en dat is steeds vallen en opstaan. Daar leren ze van', zei ik wijs.

'Nou, maar ze hebben tegenwoordig helemaal geen manieren meer'.

Ik schoof weer naar achteren. Het werd nu interessant.
'Mevrouw, ik weet niet hoe oud u bent, maar ik schat in dat uw haren rond het midden van de jaren zestig in de vorige eeuw wild aan het wapperen waren. Kunt u zich dat nog herinneren ?'.
Ze keek me aan.

'Hoe bedoelt u dat ?', vroeg ze.

'Nooit ondeugend geweest ? Brutaal tegen vader of moeder ?'.
Ze haalde haar schouders op. 'Nou meneer, als ik brutaal was, dan kreeg ik van mijn vader een pak op mijn duvel', lachte ze.
'Het doet vast nog zeer als u eraan denkt ?', vroeg ik.
'Ja, hahaha, inderdaad'.

'Mooi, vooral veel aan blijven denken. Dan wens ik u behalve een fijne dag, nog veel herinneringen toe'.


Bart

Copyright Brompot mei 2017

zaterdag 13 mei 2017

Het trouwalbum

'Dat waren even andere tijden schat', zei mijn echtgenote. 'Toen zag je er nog heel strak uit'. Ze lachte. We bladerden door het gevonden trouwalbum.
'Wil je dat nog één keer herhalen ?', vroeg ik. Ik ging er nog even goed voor zitten.

'Toen zag je er nog strak uit'. Opnieuw een lach.
'Nee, zo zei je het niet. Je zei het anders'.
'Hoezo ?'.
'Je zei er iets vóór, vóór dat "strak"'.
'Ja hallo, ik heb het nu twee keer gezegd. Nog meer veren nodig ? En bovendien, dat was 1978, negenendertig jaar geleden'.

'Je zei dat ik er toen nog HEEL strak uitzag. Dat klinkt nèt iets gemeender'.
'Je bent een zeurende ijdeltuit. Hoe dan ook, dat trouwpak van je had nu nooit meer gepast. En bovendien volledig uit de mode'.

'Hm, het is nu weer modern. Hoe noemen die interieur-opleuk-sukkels dat ook alweer op TV ? Vintage ? Zoiets toch ?'.
'Over vintage gesproken'. Ze streek haar vingers door mijn haar. 'Grijs met kalende plekken'.

'Toch was het een mooi pak. Bruin staat mij altijd goed'.
'Nu niet meer', ze streek opnieuw.

'Ik zou echt niet weten waarom niet. Ik sloeg voorzichtig het blad om.
'Kijk, je moeder. Als je het nu over vintage hebt', zei ik voorzichtig.
'Ik had het niet over vintage schat, jij begon erover'.

'Je moeder was toen jonger dan jij nu bent. Volgens mij moest ze hier huilen'.
'Dat komt omdat ze zag aankomen dat ik met jou een zwaar leven tegemoet zou treden'. Opnieuw een streek door mijn haar.
'Wat zit je toch in mijn haar te wroeten'.
'Het zit niet', lachte ze. 'Het is net zo eigenwijs als de baas zelf'.

'Kijk, het gemeentehuis. Nog vóór de verbouwing'.
'Welke verbouwing ?, het is al talloze malen verbouwd', wist ik.
'Zeur'.

'En de antieke Fordjes van Monnereau'.
'Zie, jij was toen al van de oude meuk', kaatste ze.
'Vintage', zei ik.

'En kijk, mijn trouwboeket. Die was toch zo mooi'.
'Ja, kwestie van smaak toch ?'. Ze keek me aan. 'Mijn moeder was toch mee ?'.
'Ja, voor de kleur. Ze was bang dat het ging vloeken. Ik mocht de kleur van de jurk namelijk niet weten. Geheim'.

'Ohhh, kijk hier dan. Ons statieportret'. Ik keek naar een gelukkig ogend paar.
'Ja, prima fotograaf die Botvliet. Hij kon toen al goed fotoshoppen'. Ik kreeg een por.

'Wat denk je nu, nu je jezelf zo op die foto naast mij ziet staan ?', vroeg ze vol verwachting.

'Dat ik er toch wel HEEL strak uitzag'.

Bart

Copyright Brompot mei 2017

donderdag 11 mei 2017

Friesch bloed

'Het is best nog fris', zei de man terwijl hij met een enorme open-gevouwen zakdoek een druppel van zijn neus veegde. Hij had net een volgnummer uit de automaat getrokken en nam plaats naast mij in de "prik" wachtkamer van het Slingeland.

'Ja, we hebben echt een koud voorjaar', zei ik terwijl ik naar mijn eigen nummer keek.
'Toch zijn deze temperaturen eigenlijk wel normaal voor de tijd van het jaar', blaatte ik verder.

Hij knikte en veegde een nieuwe drup. 'April doet wat hij wil'.

Inderdaad en weet u wat mijn moeder altijd zei ?: Aprilletje zoet geeft ook wel eens een witte hoed.
Ze gebruikte die kreet altijd als excuus om er bij mij een lepel olifantenlevertraan in te kunnen gieten omdat de "R" nog steeds in de maand zat. Ik protesteerde dan altijd door te roepen dat er in het hele woord sneeuw geen "R" te vinden was'.

Hij lachte.

'Ik ben van oorsprong een Fries', zei hij.
'O', zei ik alsof ik nu naast een met uitsterven bedreigde soort zat.
'En waar ergens in Friesland ?'.
'Ik kom uit Wytgaard, in de buurt van Leeuwarden'. Hij herhaalde het in een onverstaanbaar Fries dialect.

Had ik nog nooit van gehoord en ik zei het tegen hem.

'Nooit van gehoord'.

'Waar komt u vandaan ?', een logische wedervraag.

'Van oorsprong uit Den Haag'.

'Nooit van gehoord'. Hij keek mij aan en bulderde om zijn eigen grapje. Ik stak mijn duim op en lachte maar wat mee.

'Nee, vroeger zochten wij, Friezen, altijd naar kievitseieren', ging hij verder. 'En dan kwam het regelmatig voor dat we in deze tijd niets vonden. Omdat het te koud was.

Ik keek hem aan en kon mij er ook wel iets bij voorstellen dat de kievitten met de aanblik van zo'n onbehouwen Fries, eieren voor hun geld kozen om het zo maar even uit te drukken. Het zal je maar gebeuren dat je net hebt gelegd en dat zo'n uit de klei getrokken boerenpummel je nest komt leegtrekken.

'Dus eigenlijk is het niks bijzonders dat het wat fris is', concludeerde hij.
'We zijn teveel verwend', concludeerde ik.

'Zo is het meneer, verwend. Tot op het bot. Wij Friezen worden koud geboren en gaan koud dood. Het maakt ons niet uit. Neem de winter van negentiendrieenzestig. De elfstedentocht. De watjes lagen voor de kachel en de Friezen stonden op het ijs'.

Het "Elfstedenwoord" was gevallen. Hoe voorspelbaar zo'n Fries. Hij balde zijn vuist en mij bekroop het gevoel dat hij het Friese volkslied wilde zingen.

'De winnaar van drieenzestig was toch ene Paping uit overijssel ?', zei ik snel.

'Jawel, maar zijn oma van vaders kant was een Friezin. Nee meneer, het "Friesche" bloed kruipt waar het niet gaan kan en dat is over de hele wereld.

Op dat moment verscheen mijn nummer op het scherm. 'Over bloed gesproken', mompelde ik en stond op.
'Litertje Haags bloed tappen ?', grapte hij.

Ik knikte. 'Ik ben best blij met mijn Haagse bloed. Het kruipt NIET waar het niet gaan kan, maar loopt dadelijk gewoon in een buisje'.

Ik gaf hem een knipoog en liep glimlachend naar de balie.

Bart

Copyright Brompot mei 2017.

dinsdag 9 mei 2017

Een kanarie-probleem

'Ziet ú hem, meneer?', vroeg een dame die ik al vanaf een afstandje met haar hand als zonneklep richting kruin van een eik zag turen.

'Ik zie nog niks mevrouw want ik weet niet wat u zoekt'.

Het was een dame die qua leeftijd zo tegen de zestig liep schatte ik in.

Mijn echtgenote vindt dat altijd zo knap dat ik leeftijden zo goed kan inschatten. Eigenlijk is dat niet meer dan een simpel trucje. Ik gebruik mijn eigen beeld als referentie.

'Mijn kanarie. Die is vanochtend tijdens het schoonmaken van de volière ontsnapt'.

'O', zei ik. 'En nu zit hij in die boom?'.

'Ja, tenminste, volgens de bewoonster hier. Die heeft hem daarstrakkies gezien.
PIET, PIEHIEEEET, kom dan bij het vrouwtje'. Ze tikte met haar hand uitnodigend op haar schouder.

Ik vond dat niet zo handig. Ik zou me als Piet wel drie keer bedenken voordat ik op die schouder zou landen om terug in gevangenschap te worden genomen.

'Weet u meneer, normaal hoef ik maar te fluiten en dan zit hij al op mijn schouder'.

'Nu niet', zei ik. 'Dan moet er vast iets ergs aan de hand zijn met Piet'.

'Nee toch, zou het echt ?'. Haar lip trok wat scheef weg en ik voorzag een enorme huilbui.

'Of hij is inmiddels al veilig thuis terug in de volière, dat kan natuurlijk ook', opperde ik in de hoop dat ze niet zou gaan janken.
Wat voor een kleur heeft hij ?', vroeg ik voor de afleiding.

'Geel', zei ze.

Ik had al zo'n bruin vermoeden. 'En wat doet zo'n Piet in de dierenwinkel ? Ik bedoel, wat kost een nieuwe ?'.
Dat was fout. Helemaal fout. De dijken braken volledig door en de tranen gutsten over haar rood bollende wangen.

'Ik wil geen niehieuwe, ik wil Piet terug', snikte ze.

Dat had ik weer. Kutkanarie.
'En uw man ? Is hij ook aan het zoeken ?'.

Ze schudde haar hoofd. 'Die zei dat ik me niet zo moest aanstellen'. Ze snikte nog wat na.

Daar had hij wel een punt, vond ik. Voor vijf euro heb je een hagelnieuwe.

Ik bedacht mij hoe ik mij hier uit moest redden. Stiekem het getroffen gebied verlaten getuigde niet echt van meelevend sociaal gevoel.
'Verzin een list Tom Poes', zei ik tegen mijzelf.

'DAAR GAAT IE', hoorde ik mijzelf opeens roepen. Ik wees tegelijkertijd in de richting van de brandende zon.

'Waar dan, ik kan niets zien, die rotzon', riep ze. 'Ging hij die kant op ?', vroeg ze al wijzend.
Ik knikte.
'Dan is hij nu onderweg naar huis. Dank u wel meneer, dank u wel'. Ze rende weg.

Ik keek haar kort na.

Komende tijd neem ik een andere wandelroute...

Bart

Copyright Brompot mei 2017

maandag 8 mei 2017

Koningsdag op een terrasje

'Mag ik van u een tosti kaas ?', vroeg ik nadat mijn echtgenote een tosti met tonijn had besteld.
'Dat kan', zei de serveerster. Ze toetste de bestelling in een soort van mobiele telefoon.

Ik was zeer verheugd over het "dat kan" signaal. Ik heb er altijd zo'n pesthekel aan dat als je iets besteld, ze het niet blijken te hebben en dat je dan met de hete adem van de serveerster in je nek snel iets anders moet kiezen wat dan vervolgens niet te hachelen blijkt.

'Wilt u er nog iets bij drinken?', vroeg ze met haar vinger boven de knoppenkast.
Ik keek mijn echtgenote aan.
'Doe mij maar een thee', zei ze.
'Smaak ?'.
'Eh, Earl Grey'.
'En u meneer ?
'Een koffie graag. Een gewone koffie'. Ik heb niks met al die bijzondere koffies. Ooit bestelde ik een exotische bak en kreeg ik een vingerhoedje Turks zoutzuur. 

'Tosti kaas, tosti tonijn, een thee Earl Grey en een gewone koffie voor meneer. Anders nog ?'. Ik schudde mijn grijze kop, de serveerster drukte vervolgens op een knop en liep naar het volgende tafeltje. Ik had het vermoeden dat er nu in de keuken een signaal binnen zou komen met de bestelling.

Ondertussen genoten wij van het wat waterige koningsdag-zonnetje wat boven het Simonsplein hing.

'Lekker hė', zei mijn echtgenote.
'Ja', zei ik.

Naast ons kwam er een tafeltje vrij en tegelijkertijd werd hij aan mijn oog onttrokken. Een enorme rookpluim belemmerde mijn uitzicht. Ergens vanuit de damp klonk een krakende rokersstem van iets wat informeerde of de tafel vrij was. Even had ik de neiging om "nee" te zeggen maar de overijverige serveerster stond er al bij en veegde het blad schoon.

'Zo, hij is vrij hoor. Gaat u maar lekker zitten. Zal ik even een asbakje pakken ?'.

En ja hoor, de schoorsteen zat. Nadat de damp wat was opgetrokken zag ik een oudere vrouw, gestoken in slobberige donkere winterjas met een wat smoezelige van witte wol gebreide sjaal die ze meteen afdeed en over de leuning van haar stoel hing. Pal naast mijn neus. Hij stonk naar overleden sigarettenrook.
Instinctief schoof ik iets van haar weg.

Ze keek me aan en glimlachtte. Er werd een rijtje gele rokers-tanden zichtbaar.
'We hebben geluk', zei ze.
Ik knikte bijna onzichtbaar.
'Het weer', verduidelijkte ze.
'Ja, het weer', echoode ik en schoof iets verder van haar af.
'Wat heb je toch, zit eens stil !', riep mijn echtgenote.

Op dat moment arriveerden er twee tosties, een Earl Grey en een kopje koffie'. De serveerster verplaatste het van haar dienblad naar ons tafeltje.

'Heeft u al besloten ?', vroeg ze mijn buurvrouw.
'Kopje koffie graag. Espresso'.

De opdracht werd ingetoetst. 'Komt er zo aan'.
Ze verdween.

'Eet smakelijk', zei ze. Ik knikte.
Ondertussen had ze een nieuwe sigaret opgestoken en de rook kringelde linea recta naar mijn tosti.
'Rustig blijven', zei mij echtgenote.

'Mevrouw, vind u het erg dat ik eet terwijl u rookt ?', vroeg ik, leunend op een oud grapje.
Ik had inmiddels tot tien geteld en was redelijk rustig.
Ze keek me aan.
'O, bent u er zo één ? Zelf zeker veel gerookt ?'.
Ik knikte.
Haar ogen schoten vuur. Ze drukte haar sigaret uit, rukte de sjaal van de leuning, stond op en liep met grote passen weg.
Ik keek haar met verbazing na.

Op dat moment verscheen de serveerster met de bestelde koffie. 'Mevrouw, uw koffie !!!', schreeuwde ze de dame achterna.

Ik wenkte de serveerster.
'Doe geen moeite. Zet maar bij mij op de rekening. En eh... neem alsjeblieft die gore asbak mee'.

Even later zat er een nieuw stelletje naast ons.

'Dit is echt genieten hè', zei mijn buurman.
'Het weer bedoel ik'.

Ik knikte, dit was inderdaad écht genieten.

Bart

Copyright Brompot mei 2017

woensdag 3 mei 2017

Het kraakje

'Goedemorgen meneer, wat kan ik voor u doen ?', vroeg een in een keurig grijs overhemd gestoken receptionist met een meer dan professionele vriendelijkheid. Hij zat achter een lange, iets opgehoogde balie zodat hij precies op ooghoogte met de klant vóór de balie kon communiceren.

Daar moest ongetwijfeld over zijn nagedacht, bedacht ik mij. Een balie-ontwerper die samen met een marketingdeskundige had onderzocht hoe de klant zo strak mogelijk kon worden benaderd.

Hij zat met zijn neus strategisch schuin achter een beeldscherm, zodat hij tegelijkertijd zowel het klantbelang als het bedrijfsbelang kon dienen. Vast ook over nagedacht.

'Goedemorgen. Mijn naam is Vlasblom en ik heb een probleem. Recent heb ik hier een auto gekocht en die is niet goed. Er zit namelijk een kraak in de binnenspiegel. En ik wil het nu graag opgelost zien want ik raak er helemaal gestoord van'.

Ik beet voor het effect de woorden kort af.

'Ja, dat kan ik mij voorstellen, kraakjes zijn altijd irritant. Maar geen probleem, ik laat er meteen even een monteur naar kijken'.

'Aan kijken heb ik niks, dat hebben jullie al twee keer gedaan. Ik wil nu dat het echt wordt opgelost'.

Ik zei het met een ongekende strengheid waar ik zelf van schrok.

'Sorry meneer Vlasblom, dat hebben we dan niet goed gedaan. Namens ons bedrijf biedt ik u onze excuses aan. Als u mij de sleutel geeft, dan gaan we het meteen oplossen. En ondertussen kunt u in de koffiehoek plaatsnemen. Dan gaat Riet u een kopje koffie inschenken'.

Ik zag achter de balie een Riet opstaan en naar voren lopen.

'Loopt u maar mee, meneer Vlasblom, dan schenk ik u een lekker kopje koffie in'. Ze ging mij hooggehakt voor en de punten tikten als hamertjes op de houten showroomvloer.

'Ja, zo'n kraak kan zó irritant zijn', blaatte ze. 'Mijn man kan er ook zó slecht tegen'.

Ik vermoedde dat er nu een gefantaseerd verhaal zou volgen rond de kraak van haar man. Tegen welke kraak zou hij slecht kunnen? Kraakje in de stoel, thuis ? Of misschien in het onderstel van de auto ? Het gekraak van haar nieuwe schoenen ? Of wellicht een ondeugend kraakje in het echtelijke bed.

Het zadel van zijn fiets bleek te kraken.
'Hij moest ook twee keer terug voordat het euvel was verholpen. De oorzaak: Een simpele droge veer', voegde ze er met een glimlach aan toe.

Ja, ja, een mooi passend verhaal. Waarschijnlijk ook door de marketingafdeling bedacht. Ik vroeg mij af wat ik voorgeschoteld had gekregen als er een kreun in de spiegel had gezeten.

'Kijkt u eens meneer Vlasblom. Een kopje koffie. Het bakje met ingredienten vind u op tafel. Melk, suiker, lepeltje. Koekje erbij'. Ze glimlachte vriendelijk.
Ik vond dat ze iets te rode lippen had. Het vloekte een beetje met haar blauw-witte stippeltjesjurk.

'Laten we maar hopen dat het kraakje snel wordt opgelost, niet ?'. Ik knikte.
Ze daaide zich om, schoof iets aan haar witte ceintuur en liep toen al hakken-hamerend terug naar haar plaats achter de balie.

Na het kopje koffie en een rondje showroom-gapen kreeg ik een signaaltje dat de auto klaar was.

'Het is opgelost, meneer Vlasblom', zei de receptionist. Hij staat weer voor'.
'Is de kraak eruit ?', vroeg ik.
'Ja, we hebben hem losgehad. Het bleek een eenvoudig te verhelpen euvel', ging hij verder.
'O ? vertel ?'.

'Er zit een veertje in, en die was droog. Beetje vet en klaar'. Hij lachte keurig.
'Mooi, dan ga ik het proberen', zei ik.

Ik nam afscheid en liep langs de balie naar de uitgang. Aan het eind zat Riet. Ik hield even in.

'Het was een droge veer', zei ik.
Ze knikte en er verscheen een glimlach. 'Droge veren kraken altijd'.

Ik gaf haar een veelbetekenende knipoog.

Bart

Copyright Brompot mei 2017.

dinsdag 2 mei 2017

Klaagzang...

'Dag mevrouw, mag ik u iets vragen ?'. De in een oranje jasje gestoken dame die bezig was met het vullen van de vakken, richtte zich op, stak haar handen in haar zij en strekte haar rug.

'Zo, daar ben ik weer, u had een vraag ?'.
'Last van uw rug ?', informeerde ik meelevend.
'Ja, een beetje, dat komt omdat ik teveel gebukt sta als ik die onderste vakken moet vullen'.

Ik kon mij daar wel iets bij voorstellen. Ze had zichzelf in de loop der jaren behoorlijk stevig uitgebouwd en daar heb je met het bukken flink last van.

'Ze hebben mij altijd uitgelegd dat je door de knieën moet. Dat spaart de rug', zei ik wijs. Ze lachte. 'Dat moet je dan ook maar kunnen'.

Ik voelde een klaagzang van minimaal vijf coupletten aankomen.

'Mijn knieën zijn versleten en door de medische wetenschap volledig verknalt. Ik ben drie keer geopereerd geweest'. Ze stak ter benadrukking een drietal stevige vingers de lucht in.

'Tja', zei ik.

'Bent u ook aan de knieën geopereerd ?', vroeg ze.

Ik besloot om in ieder geval "nee" te zeggen anders stond ik hier tegen sluitingstijd nog.

'Nee, het is allemaal gezond en nog origineel'.

'Prijs je maar gelukkig. Toen ze mij de eerste keer opereerden, wisten ze te melden dat het helemaal goed zou komen. Vijf weken niet op staan maar dan zou mijn kwaal volledig zijn genezen'.

'O', zei ik terwijl ik nog maar eens met een overdreven blik op mijn boodschappenbriefje keek.

'Kunt u zich dat voorstellen ? Dat een huisvrouw vijf weken lang niet op haar benen mag staan ? Twee dagen meneer. En toen stond de afwas tot aan het plafond. Ja, hulp krijg je tegenwoordig niet meer. We hebben het nog aangevraagd maar dat kun je beter achterwege laten. Zonde van de energie'.

Het tweede couplet was aanstaand: "de zorg". Ik slaakte een diepe zucht. 'Ja, dat is best vervelend allemaal. Maar ik zou toch maar een beetje oppassen'.

Ze keek me vragend aan.

'Uw rug', verduidelijkte ik.

'O, ja, mijn rug. Ja, voordat je het weet heb je een hernia. Daar weet mijn man alles van. Die hebben ze...'.

'Waar kan ik de maanzaadbroodjes vinden ?', onderbrak ik haar snel.
'De maanzaadbroodjes, ik heb geen idee', zei ze. 'Annie, weet jij waar het maanzaad ligt ?', vroeg ze een voorbijsnellende collega.

'Weet je dat niet ?', lachte de collega.
'Ja, op de maan', kun jij deze meneer even helpen ? Hij zoekt maanzaadbroodjes'.
'Loopt u maar mee, meneer', zei het collegaatje.
'Sterkte nog', wenste ik haar. Ze knikte vriendelijk

'De maanzaadbroodjes liggen dáár, aan de kopse kant', legde ze uit en wees naar een vakkenrij.
'Wel in deze winkel ?', ik raakte wat opstandig. 'Wat is de kopse kant', informeerde ik verder. 'Waar zit ie'.
'Die zit aan de voorzijde van deze vakkenrij aan het eind van deze gang'.

Even later liep ik gewapend met een zak broodjes terug langs de dame-met-de-knietjes. Ze was in gesprek met een klant.

Terwijl ik voorbij liep, ving ik een flard. De klant werd door haar ingewijd in de wondere wereld van de kaakchirurgie.

Ik besloot deze winkel voorlopig te mijden.

Bart

Copyright Brompot mei 2017

zondag 30 april 2017

Het matras..

'Ze hebben ons al gespot', zei ik tegen mijn echtgenote terwijl we de winkel binnen liepen. Vanachter de toonbank achter in de zaak schoven twee nekken omhoog en draaiden de bijbehorende hoofden als radarschermen in onze richting. Ik had meteen een eerste por in mijn zij te pakken.
'Zou je op willen houden met dat flauwe gedoe en even serieus willen zijn ?. Je bent namelijk niet leuk'.

'Ik ben bloedserieus', zei ik.

'Goedemiddag mevrouw en meneer, kan ik iets voor u doen, of wilt u eerst even rondkijken ?'.
'Ik wil graag een nachtje bij u komen slapen', zei ik met een glimlach. Een tweede por.
'Hahaha, nou dat kan hoor, er staan voldoende bedden'.

'We zijn op zoek naar nieuwe matrassen', verklaarde mijn echtgenote onze komst.
'Dan bent u hier aan het goede adres'.

'Eerst kijken ? Of...'. Ze spreidde uitnodigend haar armen en wachtte onze beslissing af.

Tja, rondkijken doe je in een dierentuin of in een museum, bedacht ik mij.
'Misschien handig om wat te laten zien en uit te leggen ?', stelde ik daarom voor.

'Dat kan. Loopt u maar mee'.
Ze ging ons voor.

Tien seconden later werden we ingewijd in de slaapverwekkende wereld van de matraswetenschappen. Ik telde uiteindelijk toch nog twee hoogtepunten: de gebezigde opvatting "gezond slapen" en de prijs. En om met de laatste te beginnen: een dikke vijftienhonderd euro voor een hulpmiddel van "tachtig bij twee" om daar vervolgens, volledig buiten bewustzijn, de loze nachtelijke uren op door te kunnen brengen.

En dan begin je je vervolgens af te vragen wat "gezond slapen" nu eigenlijk presies inhoud.
Slapen met een open raam ? Met misschien een kropje vitaminerijke sla op het nachtkastje ? Glaasje melk misschien ? Een levende haan op de linnenkast om je langs natuurlijke weg 's morgens om vijf uur wakker te laten kraaien ? Of gaat het dan soms over een nachtelijk avontuur met bijvoorbeld Patty Brard...

Ik moest er enorm van gapen. Por drie.

Het antwoord op mijn vraag kwam echter sneller dan verwacht. Waarschijnlijk stond het in het lesboekje.

'En na een nachtrust op dit matras, sta je 's morgens lekker uitgeslapen, fit en gezond weer op', besloot ze het college.

Dát was dus de winkelvisie op "gezond slapen".
Niks open raam, niks kropje sla, niks glaasje melk, niks kraaiende haan en tot mijn opluchting zou ook gewoon mijn trouwe echtgenote naast mij gaan ontwaken.

Nadat de collegetour erop zat, vroeg ik tijdens de rondvraag nog quasi geinteresseerd om een folder om vervolgens het pand snel te verlaten.

'Ik vond het echt helemaal niks', zei ik toen we in de auto zaten.
Ze glimlachte zoals ik haar wel vaker zie glimlachen.

'Jij vond het al niks toen we daar naar binnen gingen', zei ze.
'Schat, wat moet ik met een matras van vijftienhonderd euro ? Als je het goed beschouwt... wat is er eigenlijk mis met een luchtbed van drie tientjes... ?'.

Haar blik zei genoeg.

Ik zag vaag de muren van de logeerkamer zichtbaar worden waar ik op mijn knieen bezig was iets op te blazen...

Bart

Copyright Brompot april 2017

vrijdag 28 april 2017

Een mooie dag....

Toen ik vanochtend de slaapetage verliet wierp ik als onderdeel van mijn vaste rituelen een korte blik in de spiegel beneden in de hal. Normaal gesproken loop ik dan door, maar dit keer twijfelde ik even. Ik ontdekte namelijk een oneffenheidje in mijn gezicht. Op mijn wang om precies te zijn.

Ik drukte mijn bril iets dichter op mijn ogen en kroop bijna in de spiegel om vervolgens met twee vingers het oneffenheidje te isoleren en te bekijken. Ik kon het niet goed zien.

'Wat heb je nu weer ?', informeerde mijn echtgenote die achter mij aankwam.
'Hoezo "weer"?', vroeg ik licht geirriteerd..
'Nou, je staat hier elke dag', zei ze.

'Een puist', verklaarde ik terwijl ik op het oneffenheidje wees. 'Kijk jij eens'.
Ze keek met een vluchtige blik.
'En ?', vroeg ik.
'Vetpuist. Je hebt gisteren een zak patat gegeten met majo. Daar kan dat huidje van jou niet tegen'.

Ik vond het geen vetpuist.

'Het is geen vetpuist', zei ik. 'Die zien er anders uit'.
'Ik denk schat, dat je beter eerst je gezicht in de plooi kunt leggen. Al die rimpels.. En scheren. Je hebt een baard. En als dan alles klaar is dan kijken we nog een keertje. Goed ?'.

'Onzin, een puist zit er of zit er niet'. Ik voelde me wat ongerust worden.

'Ik zie niets bijzonders. Hoeveel boterhammen wil je ?'.
'Toch heb ik het idee dat het niet helemaal goed is', zei ik terwijl ik opnieuw in de spiegel keek.
'Dan ga je toch naar de dokter ?. Hoeveel brood wil je ?'.

'Ik geloof dat hij nu ook een beetje begint te jeuken'.
'Dan moet je krabben', adviseerde ze.
'Ja, hij jeukt, ik voel het'. Ik krabte voorzichtig.

'Zeg eens, twee of drie boterhammen'.

'Het is verdorie net of hij steeds groter wordt'.
'Dat komt omdat je eraan zit. Je moet er niet aanzitten. Dan gaat het vanzelf weer over. We gaan ontbijten'.

'Het wordt geen fijne dag vandaag', zei ik wat later aan tafel. 'Ik heb een beetje een onbestendig gevoel'.
'Hoezo ?, vanwege dat pukkeltje ?'. Ze lachte.
'Nou ja, ik weet het niet. Je hebt wel eens zo'n dag', zei ik.

'Dat je in de spiegel kijkt en in plaats van een geweldige vent een puistje ziet. Bedoel je dat ? Kom op man, stel je niet zo aan. We maken er een mooie dag van. De zon schijnt...'.

Dat was altijd háár referentie. Als de zon schijnt, dan kan er niets fout gaan.

De klep van de brievenbus klepte. Een bijzonderheid in het tegenwoordige digitale tijdperk. Ze stond op en liep naar de gang.

'Post ?', vroeg ik toen ze binnenkwam.
'Ja, twee brieven. En in een toepasselijke volgorde. De bovenste is namelijk van de belastingdienst en de onderste van de DELA.
'Schat, ik zei het je toch ?: het wordt vast een mooie dag'.

Mijn puist begon enorm te jeuken.

Bart

Copyright Brompot april 2017








woensdag 26 april 2017

Een vraag...

'Meneer, mag ik u iets vragen ?'. De vraag rolde uit de mond van een blonde dame van middelbare leeftijd. Ik herkende haar van haar gezicht in combinatie met het poezelige hondje wat aan het eind van een rood riempje onrustig heen en weer huppelde.

Zolang ik haar "kende", was ze hem al aan het opvoeden. 'Zit Sjorsje !!', riep ze. 'Ik zei dus zit. Sjorsje ga zit ! Luisteren naar het vrouwtje !!!'

Ze raakte licht geirriteerd, bukte zich en duwde het achterwerk van het bolletje met enige kracht tegen de straatklinkers.

'Zo, dat is zit. Braaf zo, Sjorsje, braaf'. Ze richtte zich op en trok een afleidende glimlach in mijn richting.

'Hij luistert al best goed hè', zei ik.

'Ja, het gaat de goede kant op met Sjorsje. Gewoon een kwestie van consequent opvoeden'. Ze keek er uitermate streng bij. In gedachten zag ik haar in een leren pakje-met-zweep haar echtgenoot opvoeden. Zit, zit, ZIT. Hij ontving een paar consequente opvoedkundige klappen.

'U had een vraag', zei ik. Ik had na de meesteres-beelden even geen zin meer in lesjes consequente opvoedkunde.

'O ja, ik zou het haast vergeten. Mijn vraag. Eh.. waar is uw hondje gebleven ? Ik zie jullie er nooit meer mee wandelen'.
'Die is dood', zei ik.
'Dood ?'
'Ja, helaas, we hebben hem in moeten laten slapen. Vorige maand'.
'O, wat erg, was die ziek dan ?'.

Nee, we vonden het gewoon leuk. Het antwoord lag klaar op mijn lippen. Ik moest hem alleen nog uitspugen.

'Hij was dement', zei ik ietwat korzelig.
'Kan dat ?, een demente hond ?'.
'Ja, dat kan. Die van ons was dement'.
'En hoe uit zich dat ?', vroeg ze.
'Hij draaide rondjes en liet alles lopen. Zwaar dement'.

'Was hij dan wel helemaal zindelijk ? Als ze alles laten lopen...'. Ik begon me te ergeren.
'Mevrouw, onze hond was vijftien jaar, had een geweldig leven achter de rug en het was gewoon een vorm van mishandeling om hem zo te laten aftakelen. Hij had geen waardig leven meer'.

'Oké, ja, dan moet de stekker eruit. Bij de dierenarts laten doen ?', informeerde ze verder.

Pffft, wat een gesprek.

'We hebben het zelf gedaan', loog ik.
'Ach, zelf ? Hoe dan ?'.
'Gewoon de stekker beetpakken en eruit trekken'. Ze keek me aan alsof ze het in Keulen hoorde onweren.

Er viel een korte stilte.

'En komt er nu weer een nieuwe hond ?', vroeg ze. 'We laten Sjorsje binnenkort dekken, dus...'. Ik keek met enig afgrijzen naar het bol wol wat inmiddels weer onrustig heen en weer liep te springen.

'Dus wat ?', vroeg ik.
'Nou ja, ik bedoel, als u een hond zoekt, dan is zo'n pup van Sjorsje natuurlijk best leuk'.
'Ik dacht dat Sjorsje een reu was', zei ik.
'Nee hoor, het is een teefje. Interesse ?', drong ze aan. Ik schudde mijn hoofd.
'Nou, u heeft nog een week bedenktijd. Zondag wordt ze gedekt. En uw vrouw weet waar ik woon'.

Ze richtte zich weer op haar Sjorsje. 'Volg meisje, VOLG !!'. Ze trok bijna haar kop van haar lijf'.

Terwijl ik ze nastaarde kreeg ik weer dat beeld van de strenge meesteres-met-zweep op mijn netvlies. Inclusief haar rondrennende echtgenoot.

Ik nam ondertussen een definitief besluit: wij nemen geen nieuwe hond.

Bart

Copyright Brompot april 2017



maandag 24 april 2017

Het programma met de boer.

En zo zag ik haar in één keer weer op het scherm: Yvonne Jaspers van de boeren. Het was overigens puur toeval dat ik op deze zender landde. Ik ben namelijk fan van de koffertjes van Linda op vier. Maar toen ik rond acht uur gedouched en strak in het pak klaar zat om Winston Gestanowitz te ontvangen, kwam ik erachter dat Linda inmiddels zelf haar koffers heeft gepakt en stiekem met die strakke goudhaan op reces is gegaan

En achteraf beschouwd klopte dat natuurlijk ook wel want vanaf half april wordt het complete gooise matras op de herhaalknop gedraaid. Tot ergens diep in oktober. En dat geldt blijkbaar ook voor de vrouwenzoekers van het platte land want toen ik inschakelde waren ze net bezig met een terugblik op het afgelopen jachtseizoen. Er werd nog even flink gepocht over de jachtpartij met als absoluut hoogtepunt het showen van de "buit".

Hoe dan ook, het had weer een hoog "Libelle en Margriet" gehalte waarbij de krokodillentranen met bakken tegelijk uit de diverse ooghoeken stroomden. Niks mis mee hoor, er wordt al genoeg wereld-ellende op de TV gegooid zodat dit inmiddels tot op de draad toe versleten en uitgewoond programma er nog wel bij kan. Uiteindelijk zal er nog wel een eindeloos herhaald terugblikprogramma op de buis worden gekwakt maar dat zal Yvon Jaspers verder een zalige zorg zijn.

Ze heeft Inmiddels haar breitas uit de kast gepakt en gaat geheel volgens traditie gedurende het zomerreces een nieuw Brabants jurkje punniken. Een jurkje wat dan vervolgens tegen het eind van het jaar tijdens een STER reclameblokje in de Robijn wordt gekwakt om langs deze sympathieke weg Yvon's bankrekening wat op te leuken.

Toch heb ik het idee dat het wel klikt tussen Yvon en de boeren. Ze past er wel tussen. Ik zie het haar ook wel doen: stierknuffelen, rodeo rijden, beetje tussen het vee geiten en alvast voor een nieuw TV programma met een paar stevige eeltige boeren een nummertje "boer zoekt speld" oefenen. Rechtstreeks vanuit een hooiberg ergens uit de achterhoek.

Het is één van de initiatieven van de KRO in een poging om vooral het goed kijkcijfer-scorende boerenland vast te houden.

Zelf had ik ook nog een programma-idee richting Yvonne Jaspers gestuurd. Gaat over "Bier en Tieten".

Ze heeft er nog niet op gereageerd. Maar ik verwacht elk moment bericht.

Bart.

Copyright Brlmpot april 2017

vrijdag 21 april 2017

De luie huishoudman

Afgelopen week stond er een artikel in de krant rond de scheve huishoudelijke taakverdeling tussen man en vrouw. Mij eerste reactie nadat ik het artikel met lange tanden had gegeten:  Alles wat gedrukt staat is niet per definitie waar.

Veel "soortgenoten" zullen het dan ook met mij eens zijn: wij voelen ons beslist niet aangesproken. De moderne man doet juist heel veel in huis. En zeker in vergelijking tot vroeger want toen ging het inderdaad heel anders.

Bij ons thuis "werkte" mijn vader en "deed" mijn moeder het huishouden. Dat was nu eenmaal regel en volgens mij stond het zelfs genoteerd in het trouwboekje. Compleet met de handtekening van de ambtenaar van de burgelijke stand die moest toezien dat er conform de toen geldende gedragsregels werd gehuwd. En daarbinnen regeerde de onschreven wet dat de kostwinner de baas was en dus de regie had.

Mijn moeder werd dan ook vanaf het eerste trouwmoment in de sloofjesrol geplaatst en mijn vader bulkte boven vanaf de apenrots de bevelen naar zijn  onderdaan beneden. Ofschoon ze zonder mopperen inhoud gaf aan haar rol, had ze zich heilig voorgenomen dat haar kroost anders zou worden opgevoed.

En zo kreeg ik les in de huishoudelijke bezigheden zoals daar zijn het afwassen, zuigen, bedden verschonen, stoffen, vegen, ramen lappen en vooral huiselijke  verantwoordelijkheid delen.

Helaas heeft ze vergeten om mij te leren koken, maar dat is niet erg want ik heb daar een aangeboren pesthekel aan. Als compensatie dek ik dan de tafel, ruim ik af en prop de afwasmachine vol. Een mooie balans dus.

Ik kom dus tot de simpele conclusie dat het krantenartikel eigenlijk nergens op slaat. Sterker nog: het verstoort het evenwicht. Achter heel veel deuren is de discussie inmiddels losgebarsten en dat geeft veel gedoe. Ik verwacht dan ook een flinke echtscheidingspiek.

Ofschoon het binnen ons gezin allemaal goed is afgesproken en geregeld, ben ik er toch niet helemaal gerust op.

Toen ik vandaag thuis kwam, hing mijn echtgenote met een vriendin aan de telefoon. Ik ving nog nét het laatste deel op... en dat zaaide toch wat twijfel...

'Nou meid, ik hang op. Mijn leidinggevende komt thuis'....

De beer is nu los.

Met dank aan de Gelderlander.

Bart.

Copyright Brompot april 2017

woensdag 19 april 2017

Huisartsperikelen...

Als ik het allemaal goed heb begrepen dan is er nogal wat plaatselijk Doetinchems gedoe rond een huisarts die onlangs een berisping heeft opgelopen van de medische tuchtcommissie. Hij schijnt niet overeenkomstig de medische richtlijnen te hebben gehandeld. Blijkbaar is er iets mis gegaan wat behoorlijke gevolgen heeft gehad voor de patient.

Ik heb me er overigens niet in verdiept. Ik ken de feiten niet en heb er dan ook verder geen oordeel over. En dat zouden zich meer mensen moeten realiseren. Dat scheelt een hoop onzinnig gezwam.

Onzinnig geleuter zoals ik wel eens op verjaardagen en partijen meemaak. Vaak ontstaat het direct na de koffie-met-gebak als de eerste borrel achter de kiezen hangt. Het gejank over kwalen en de manier waarop er volgens de aanwezigen door de huisartsen mee wordt omgegaan.

Het is dan vaak niet goed of het deugt niet. En dat is natuurlijk klinklare onzin want de gemiddelde huisarts kan prima inschatten of er iets serieus aan de hand is of niet.

Neem als voorbeeld mijn ome Arie die gedurende zijn leven een dozijn sigarenmagazijnen heeft leeggerookt. De man hoest de longen uit zijn lijf en tante weet dan te melden dat hij een "naar kuchje" over zich heeft.

Vervolgens krijg je tijdens zo'n verjaardag-met-borrel-sessie het hele huisartsenritueel over je heen met de uiteindelijke conclusie dat Arie weliswaar een kuurtje heeft gehad maar dat het "geen sodemieter" hielp. Vervolgens kreeg de huisarts de schuld.

Ik vraag me dan altijd maar weer af met wat voor een verwachting oom en tante naar de huisarts zijn gaan. Blijkbaar hoopte Arie op een pil waarmee veertig jaar rookaanslag in één keer kon worden weggeragd zodat hij weer lekker verder kon dampen. "Er zijn niet eens longfoto's gemaakt", jankte tante met haar armen naar de hemel gericht. Tja, volgens mij zijn die ook niet nodig want het tuutje weduwe-schaamhaar van Van Nelle, waarmee Arie nog steeds peuken boetseert, zegt meer dan genoeg.

Zoals gezegd gaat het steeds om de verwachting waarmee je naar de dokter gaat. En die is vaak weinig realistisch. Mijn vroegere huisarts begreep dat donders goed en stelde altijd de standaard-beginvraag: 'Waar denkt u zelf aan ?'. Daarmee werd je verwachting uitgelokt en besproken. Een simpele maar vooral doeltreffende aanpak.

Toch ging het ook bij hem wel eens mis. Zo ben ik ooit bij hem op bezoek geweest met een gebroken teen. Mijn verwachting: nagel eraf en een spalk. Helaas heeft hij zijn eigen plan getrokken met als uiteindelijk gevolg dat ik nu na jaren nog steeds last heb van een "rare" teen inclusief een verminkte nagel.

Ik heb indertijd nog de inzet van een letselschade-advocaat overwogen. Maar dat leek me achteraf toch weinig realistisch.

Ik heb hem het foutje dan ook maar vergeven. Ook deze huisarts blijkt gewoon een mens.

Bart

Copyright Brompot april 2017