Totaal aantal pageviews

zaterdag 18 februari 2017

De boodschappenkar

Volgens het wegenverkeersreglement kwam ze van rechts en had dus voorrang. Maar of de wetgeving ook van toepassing is op boodschappenkarren was voor mij nog even de vraag. Volgens mij gaat het dan veel meer om fatsoen en wederzijds respect. En dan duw je niet door maar wacht je even op de dingen die dan gaan komen.

Het was aan de Dokter Bardetplats. Ik kwam dus van links met een overvolle kar en probeerde de zaak in evenwicht te houden op de schuin aflopende stoep. Zij van rechts met een bijna lege wagen. Ja, ik ontdekte onderin een klein kratje bier waarvan ik het niet de moeite zou hebben gevonden om Ć¼berhaupt een kar te pakken.

En als ik zo vanaf mijn schuine positie naar deze "schone" keek, dan was ze ook met meer dan voldoende spieren uitgerust om een kratje van een kilo of drie probleemloos mee te kunnen tillen.

Ze had wat ordinairs over zich. Geverfde haren, zwaar opgemaakt, een half opengewerkt bloesje waarbij haar te strak ingesnoerde boezem wat bollend naar buiten kwam. Daaronder een te korte leren rok en een paar lange, flink gespierde in nylons verpakte benen met te dikke kuiten die halverwege in een paar zwarte en opzichtig glimmende laarzen verdwenen. Ook hier wat opgestroopt vlees want zoals dat ook voor een laars geldt: vol is vol.

Ik vond het een ietwat hoerig type waar je maar beter geen ruzie mee kon krijgen. Niet vanwege een fysieke dreiging, dat zeker niet. Nee, dit soort types hebben over het algemeen de beschikking over een enorme vocabulaire waarmee ze zelfs de meest doorgewinterde politieagent plat konden schelden. Ofschoon ik geen agent ben, had daar hoe dan ook geen zin in.

Ik was gewoon bezig met het uitvoeren van een vreedzame opdracht van thuis: doe boodschappen. En dan wil je dat ook gewoon zonder problemen doen. Ik stopte dus maar even om voorrang te verlenen en terwijl ik daar stond, voelde ik de kar richting afgrond glijden en zag ik het naderende gevaar van de goot snel op mij afkomen.

Ze bleef nu ook staan. Blijkbaar wist ze niet goed hoe ze de kruising vrij moest maken en wie er als eerste de parkeerplaats op kon rijden.

'Sorry meneer, ik zag u niet. Wacht even, dan help ik u'. Ze liet snel haar kar los, kwam naast me staan en greep het ijzerwerk van het laadbakje. Samen duwden we hem weer op de stoep en twee tellen daarna stond ik waterpas op de parkeerplaats. Haar kar was inmiddels in de goot geƫindigd maar bleef gelukkig overeind.

'Ik had u echt niet gezien', zei ze verontschuldigend in een keurig algemeen beschaafd Nederlands. Ze lachte vriendelijk. Ik lachte terug. Haar gezicht had nu ineens iets prettigs, de opgemaakte ogen bleken in het geheel te passen en maakte het tot wat je zou kunnen noemen: een vriendelijk uitstraling.

Haar boezem was zichtbaar teruggezakt en haar te korte rok leek plotseling ook wat opgerekt. De laarzen stonden haar eigenlijk best grappig en de ballonnen hadden duidelijk wat lucht afgelaten.

'Dank u. Ik had u ook helemaal niet gezien', loog ik. 'Dat dacht ik al', lachte ze. 'Maar dat kan ook niet anders met zo'n overvolle kar'. Ze greep onderhand haar eigen karretje en rolde naar haar auto die naast de mijne stond.

'Eigenlijk kwam u van rechts', zei ik toen ze met haar lege karretje langsreed op weg naar de karrenstandplaats.

'Maakt niet uit, verkeersregels gelden hier niet. Ik had even moeten wachten. Het is gewoon een kwestie van fatsoen'.

Ze knikte nog een keer vriendelijk en verdween in het leven.

Bart

Copyright Brompot 2017



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen