Totaal aantal pageviews

zaterdag 24 juni 2017

Een ruzie...

Ze hadden ruzie, de campingbuurtjes naast ons. Mijn schoonmoeder zou spreken van een "onenigheidje" want in haar ogen staat ruzie gelijk aan het "met elkaar op de vuist gaan" maar dat was gelukkig nog niet zo. Toch was dit meer dan een pissewis. Tenminste dat vond ik. Mijn echtgenote koos meer de opvattingskant van haar moeder, maar goed, daar gaat het hier niet over.

In het kort de aanleiding: hij, onze rechter buurman had met haar, zijn echtgenote, aan het zwembad gelegen. Naast hem had onze andere, dus linker en bovendien alleenstaande buurvrouw, topless liggen zonnen. En onze buurman had steeds naar haar liggen gluren.


Daar was de buurvrouw, zijn echtgenote, boos over.

Nu wil het geval dat ook ik daar in de buurt lag en tevens de ontblote boezem van onze linker buurvrouw had gezien. Met dat verschil dat ik er slechts kennis van had genomen.

Ik zie de vrouwelijke borst namelijk als kunstwerkje van moeder natuur en ik bewonder het vaak ook als zodanig. Ik zie het dan ook niet als een lustobject. Hij blijkbaar wel, tenminste, in de ogen van de buuf.

Nu wil ik verder geen mening ventileren over dit specifieke kunstwerkje maar laat ik het dan zo formuleren: er zijn mooie werkjes en minder mooie werkjes. Ik vond er dus wel iets van en begreep binnen dat kader mijn buurman niet helemaal.

Hoe dan ook: heibel in de hut. En dan ook nog op zo'n manier dat ik een paar extra scheerlijntjes overwoog vanwege dreigend omwaai-gevaar. De buuf ging hevig tekeer.  Ik kreeg overigens het idee dat het al snel het niveau van "de borst" had verlaten  en zich inmiddels een flink eind onder de gordel afspeelde. Hij scheen wel vaker naar andere vrouwen te kijken en zij was daar wel klaar mee vernam ik door de toch wel flink geisoleerde caravanwandjes heen. Ik hoorde zelfs iets over het "pakken van de koffers".

Nu leek mij dat een lastig verhaal want ze waren, zoals gezegd met de caravan en dan neem je doorgaands geen koffers mee. Of het moet met voorbedachte raden zijn. In dat geval had de ruzie niets maar dan ook helemaal niets met een paar blootliggende tieten te maken maar was het probleem al ver vóór dit akkefietje geworteld en was dit de bekende druppel. Ik kon het overigens allemaal niet plaatsen.

'Goh, wat is er toch hiernaast aan de hand', vroeg de buurvrouw die topless had gelegen en indirect de oorzaak was. Ik haalde mijn schouders op. Ik kon toch moeilijk zeggen dat het met haar blote borsten te maken had.

'Geen idee', loog ik.

'Hm, het is een beetje een vreemde man', wist ze.
'Hoezo ?', vroeg ik.
'Ik lag topless te zonnen en hij kon zijn ogen niet van mij afhouden'.
'O', bracht ik naar buiten.

'Ja, u keek ook, maar op een andere manier'. Ze kneep haar ogen samen.  'U had het waarschijnlijk wel door, toch ?'.
'Ik begrijp u niet', zei ik.

'Kom op man, je bent toch niet blind ?'. Ze keek me aan. Vervolgens: 'Laat ik het dan maar zo zeggen: "met de groeten van Herman"'.
Hij begon te bulderden van het lachen en liep terug naar zijn caravan. Ik bleef in opperste verwarring achter.

Ik besloot met spoed een vertrouwelijk gesprek aan te gaan met mijn buurman.

Bart

Copyright Brompot juni 2017

vrijdag 23 juni 2017

Sportieve vakantie

Ze stonden aan de overkant van het stoffige laantje, op plek 44 A. Een man en een vrouw, afkomstig uit het Gooi. Tenminste, de nummerplaat van hun BMW verried dat. Dat heb je tegenwoordig. Dat bij aanschaf van een auto je nummerplaat wordt ontsierd met een zwarte plaat met daarop de naam van de garage waar het voiture is aangeschaft.

Veel mensen laten zo'n plaat verwijderen, bij anderen kunnen de letters niet dik genoeg zijn. Zo ook bij dit stel uit Laren. Overigens stelde de eveneens in Laren aangeschafte caravan die dwars door Frankrijk was meegesleept, voor Gooise begrippen niet veel voor. Een wat verouderd type met groene strepen en een verschoten luifel.

Op de dissel prijkte Larens trots: een tweetal racefietsen stammend uit de tijd dat Jan Jansen de tour won. Het stel was redelijk bejaard waarbij de mannelijke helft van dit duo de overjarigheid waarschijnlijk wel had geaccepteerd. De dame hing echter nog volledig in de ontkennende fase en was zichtbaar  tekeer gegaan tegen het bejaardenspook wat regelmatig als een spiegelbeeld in de badkamer aan haar verscheen.

Haar oogleden waren opgetrokken, de lippen volgespoten en onder haar boezem had ze een ingenieus balkon aangebracht. Maar wat ze met haar billen had laten uitvreten kon ik niet goed thuisbrengen. Laten we het maar zo zeggen: in de kroeg kon je er moeiteloos een pot schuimend bier op kwijt.

Hij daarentegen had de boel laten lopen zoals de natuur dat voorschrijft. Ooit moet hij een sixpack hebben gehad, maar de inhoud daarvan was in de loop der jaren weggelekt. Hij had ook geen moeite gedaan om de lege verpakking weg te smijten, zodat het geheel op grootmoeders wasbord leek.

Ook aan het voortbewegen van de man kon je zien dat hij het allemaal welletjes vond. Hij sjokte over de camping alsof hij een laatste kruiwagen met zijn eigen grafzerk moest afleveren om vervolgens rustig te kunnen sterven.

Zij echter was nog springlevend en was duidelijk de activiteitenbegeleidster van het stel. Ze huppelde als een dartele geit over de camping en in gedachten zag ik haar met een strakke jonge zongebruinde tennisleraar in de weer die haar de beginselen van de love-game probeerde bij te brengen.

Voor ons als toeschouwende overburen was het allemaal zeer vermakelijk. Alhoewel... 

Het begon rond zeven uur in de ochtend. Ik lag nog wat in mijn laatste slaap te modderen toen ik gestommel hoorde aan de overkant. Ik trok het rolgordijntje voorzichtig op en jawel hoor: Opa was druk met het klaarzetten van de racefietsen. Oma huppelde er opgewonden omheen. Ze had een strak wielrenshirtje aangetrokken met daarop een zwarte bijpassende wielren-broek met witte strepen. De mislukking van haar billen-lift werd nu wel heel duidelijk geaccentueerd. Haar boezem rolde ondertussen bijna van het balkon.

'Wat sta je daar nou, schiet eens een beetje op', spoorde ze hem aan.
'Ik ben toch bezig ?', mopperde hij.
'Nee, dat is niet waar. Je staat te kijken. Snap je het niet of zo ?'.
'Jawel, de banden moeten nog op spanning'.
'Pomp ze dan op', mopperde ze.
'Dat ga ik ook zo doen. Even op adem komen, het is nog vroeg'.

'Kom op John, ik wil om elf uur terug zijn want dan begint het aqua-joggen in het zwembad'.

'Daar doe ik niet aan mee', zuchtte hij.

'Wat ga jij dan doen ?', vroeg ze licht geïrriteerd.
'Weet ik nog niet, misschien wel terug naar bed'.
'Dat dacht ik niet. Kom op: pompen'.

Wat later zag ik ze vertrekken. Zij voorop en hij zwalkte er wat achteraan.

'Wat was dat ?', hoorde ik een schorre slaapstem naast mij informeren.

'Schat, zullen wij ook eens een paar racefietsen kopen ?', stelde ik losjes voor.

Geen reactie. Stilte.

Toen, na een paar seconden: 'zeg Bart, luister eens: ik zat net even na te denken hè. Wat zou je ervan vinden als ik een botox-kuurtje zou nemen in Laren ?'.

Ik liet me weer achterover zakken.

'Wat had jij over racefietsen ?', informeerde ze gapend.

'Laat maar. Niks bijzonders'.

Bart



Copyright Brompot juni 2017

donderdag 22 juni 2017

Een leuk frans winkeltje...

We hadden het duidelijk afgesproken: niet meer dan drie markten verspreid over drie weken. En dus waren we bezig met de laatste markt waarna de stempelkaart vol zou zijn en ik deze mijlpaal met een pot bier zou afsluiten.

'Goh, wat een leuk winkeltje'. Ik keek even in de aangewezen richting en ontdekte een badpakkenwinkel. Tenminste, er hingen wat badpakken aan een hangertje buiten op de stoep met daarbij de psychologische uitnodiging binnen vooral verder te kijken.

'Even binnen kijken', zei ze. Ze wachtte mijn standaardzucht niet af en liep naar binnen.


Ik had al een paar weken opmerkingen opgevangen rond de aanschaf van een nieuw badpak. Inclusief alle argumenten waarom dit een nodige aankoop zou moeten zijn. Maar gelet op de afspraak dat dit toch de laatste dag zou worden, had ik er wel vrede mee en sukkelde ook ik de negorij binnen.

'Bonjour', riep een speciaal voor deze branche geselecteerde verkoopster. Een slanke den met een behoorlijke boezem en een bruin verbrandde toet.
'Bonjour',  geitte ik terug.

Mijn echtgenote was inmiddels ergens tussen de honderden badpakken verdwaald geraakt. Ik pakte mijn mobiel en ging geleund tegen een rek wat staan faceboeken.

'Bart, kom eens', hoorde ik een bekende stem roepen.
'Steek je hand eens op, ik weet niet waar je bent', riep ik terug.

Even later stond ik naast haar en bewonderde een kleurrijk badpak wat ergens uit een rek was getrokken.

'Zou mij die passen ?', vroeg ze. Ik keek alsof ik er verstand van had.
'Geen  idee, schat. Hangt er geen andere maat ?'.
'Kijk jij eens', vroeg ze.

Een fractie later had ik één badpak in mijn hand en lagen er vier op de grond. Uiteraard raapte ik ze op en probeerde ze tevergeefs weer terug te hangen.

'Deze is toch leuk ?', vroeg ze.
'Ja, echt leuk'. Ik meende het.

'En nog een leuk prijsje ook', zei ze met een knipoog. Ik ben nu eenmaal de kassier in het gezin. Ik keek op het kaartje en probeerde de waarde van het stukje stof in gedachten in overeenstemming te brengen met datgene ik op het kartonnetje geschreven zag staan.

'Of is hij te duur'. Ik haalde de schouders op. 'Dat bepaal jijzelf, toch ?', zei ik met een ongekende gulheid.

'Zal ik hem eens passen ?', stelde ze voor.
'Ja hoor, doe maar', zei ik.

Drie tellen later stonden we bij iets wat voor paskamers moest doorgaan. Drie hokjes met een drietal knalrode gordijnen die met ringen bleken opgehangen aan een centrale buis.

De verkoopster stond er lachtend bij. Ik ook. Het was echt zo leuk.

'Gaat het ?', informeerde ik door het rode gordijn.
'Nou, ik vind hem toch niet zo leuk', zei ze.
Ik wist het. Met alle respect voor de vrouw, maar blijkbaar hebben ze allemaal een afkeer van de stelling "in één keer goed".

Het gordijn schoof open en de verkoopster stond er meteen bij. Er werd wat gemummeld en ze liep weg.

'Ze kijkt even', zei ze.
'Ja, dat ken ik', mompelde ik.

Het was inmiddels lekker druk bij de paskamers. De andere stallen waren nu ook bewoond. Toen kwam de verkoopster weer aangehakt met een arm vol badpakken.

Toch wel een leuke mooie vrouw moest ik vaststellen.

'Vind je deze leuk, Bart ?'.
'Ja hoor', zei ik.

Het gordijn ging dicht en er werd gepast.

'Wat kost die ?', informeerde ik voorzichtig.
'Een koopje, volgens mij veertig euro'.

'Dat is niet duur. Zit ie goed ?', vroeg ik ietwat te hoopvol.
'Ja, geweldig'.

Op dat moment ging het gordijn open en stond mijn echtgenote in een keurig badpak. Op haar rug hing het kaartje. Ik kon er bijna bij... bijna.
Ik zag een paar met hanepoten geschreven cijfers.

Terwijl ik nog iets verder naar voren boog, ontdekte ik de werkelijke prijs van honderdentien euro, raakte vervolgens uit balans, greep het gordijn waarna de centrale gordijnstang met een luid geraas naar beneden donderde.

De gevolgen waren enorm: twee blote gillende dames, een kapotte stang, een echtgenote met een veel te duur badpak en een verkoopster die in één keer transformeerde in een lelijke eucalypta. Tja. We zijn niet zo lang meer in de winkel gebleven.

Van het afsluitende biertje is niets meer terecht gekomen.

Bart

Copyright brompot juni 2017

woensdag 21 juni 2017

Franse slimheid...

'Er valt me iets op', zei ik tegen mijn echtgenote. 'Hiernaast staan toch van die Fransen ?'.
'Zijn dat Fransen ?', vroeg ze na enige tijd en met een afwezige stem. Ze las een libelle.
'Ja, Fransen. Dat weet je toch ?. Daar hebben we het gisteravond nog over gehad'.
'Geen idee', ze haalde haar schouders op en las verder.
'Ach ja, die hadden van die stinkende vis op de barbecue. Dat zei ik nog tegen je'.

Ze legde het blad met enige tegenzin op schoot en richtte zich op mij.

'Bart, sorry, ik hou geen boekhouding bij van alle onzin die jij allemaal uitkraamt. Oké, Fransen. Prima. En wat is daar dan mee ?'.
'Niks. Ga maar verder met lezen. Is niet interessant'. Ik wist dat de nieuwsgierigheid het nu ging winnen van de storingsirritatie.

'Wat is daar dan mee ?', herhaalde ze.

'O, wil je het nu toch weten ?'. Ik wist dat het gesprek zo zou lopen.
'Ze hebben maar twee washandjes', zei ik zachtjes terwijl ik me een beetje in haar richting boog.
'Wat zeg je ?', ze hoorde het blijkbaar niet goed.
'Ze hebben maar twee washandjes in gebruik', zei ik nu iets harder.
'Oké. En wat nu ?', de irritatieknop werd weer wat open gedraaid.

'Nou, dat is toch heel raar en heel onhygiënisch ?', stelde ik vast.
'Ja, en hebben ze inmiddels al zichtbare pukkels, exceem of andere niet nader te definiëren plekken ?'.
Ik haalde nu mijn schouders op. 'Niet echt opgevallen, misschien moet ik iets beter kijken'.

'Jij moet helemaal niet kijken. Die mensen leiden hun eigen leven. Laat ze. Mag ik nu weer verder met lezen, of heeft onze Sherlock nog meer geheime zaken ontdekt'.
'Nou, het rare is dat ze met twee washandjes onder de arm gaan douchen', voegde ik eraan toe. 'Dat is een verwonderpunt, toch ?'.
'Hoezo ?'.
'Nou ja, wat moet je ermee', vroeg ik mij af.
'Wat dacht je van de onderkant en bovenkant ? Twee aparte gedeeltes. Héél hygiënisch dus'.

'Laat maar', zuchtte ik.

'Oké', zei ze en trok de libelle weer voor haar neus.

'Ze hebben trouwens dezelfde kleur', zei ik. 'De washandjes. Die van boven en die van onder. Dezelfde kleur. Zwart'.

De libelle zakte nu door een enorme ruk.

'Moet ik het je nu ook nog uitleggen ? Ze hebben dezelfde kleur zodat ze zich niet kunt vergissen. Heel slim die Fransen'. De libelle rukte weer omhoog.

Ik moest deze slimheid nog even laten bezinken.

Bart

Copyright Brompot juni 2017

dinsdag 20 juni 2017

Zwembroek

'Je moet een nieuwe zwembroek', hoorde ik mijn echtgenote vanaf het bedje aan het campingzwembad opmerken. Ik keek om.
'Hoezo een nieuwe zwembroek ?', informeerde ik. 'Hij doet het nog prima, toch ?'.
'Oké, dan niet', klonk het.

Ik hield even in want de ervaring heeft mij geleerd dat de discussie nog niet was beëindigd. Ik ken haar.

'Je loopt straal voor gek', zei ze.

'Wat is er mee aan de hand dan ?', vroeg ik.

'Niets', zei ze. 'Hij doet het nog prima, toch ?'.
Ik proefde enig cynisme in haar stem.

'Hoezo "voor gek" ', herhaalde ik.
'Je billen hangen er half uit'.

Instinctief trok ik de pijpjes iets naar onderen en duwde het stof tegen mijn benen.

'Zo beter ?', vroeg ik.
'Nee'.
'Hoezo nee ?'.
'Je kunt dat stof wel naar beneden trekken, maar je vel blijft hangen'.
'Mijn vel ?'.
'Bart, de rek is niet alleen uit je zwembroek, maar ook uit je billen'.

'O, dank je. En wat nu ?'. Ik lonkte naar het twee meter verderop gelegen zwembad.

'Nieuwe zwembroek met strak elastiek. Dat geeft steun. Aan je billen'.

'Oké, ik kijk wel als we weer thuis zijn', zei ik en wilde verder lopen.

'Draai je eens om ?'. Ze was gloeiende gloeiende nog niet klaar met haar zwembroek-strijd.

Ik draaide ietwat geïrriteerd om.

'Aan de voorkant gaat het ook niet goed hoor', zei ze.
'Wat nou weer'.
'Zakt ook'.
'Het zal'. Ik boog naar voren om te kijken.
'Valt hard mee', concludeerde ik.

Ze schudde haar hoofd. 'Valt niet hard mee'.

'Je gaat me nu toch niet weer iets uitleggen over mijn lichamelijke vel-rek?', vroeg ik.

'Heb je daar nog iets verrassends positiefs over te melden dan ?'. Ze keek me aan zoals ze me vroeger ook vaak aankeek. Ik ontdekte een prettige glimlach op haar gezicht.
Ik glimlachte ernstig terug.

'Zoals gezegd doet alles het nog prima'.

Ik draaide mij om en met een best nog elastische,  jeugdige duik verdween ik in het zembad....

Bart

Copyright brompot juni 2017

vrijdag 16 juni 2017

Opmerkelijke camping-zaken...

Toen ik vanochtend op mijn campingstoel voor onze caravan zat, zag ik hem lopen. Nou ja, lopen, het had meer weg van zeulen. Hij sleurde namelijk een zogenaamd chemisch toilet met zich mee. Voor de uitleg: dat is een soort van dixi in het klein wat tegenwoordig in caravans wordt ingebouwd. Daarmee kun je dan onderweg lekker op je eigen pot zitten.


Uiteraard kun je er ook op de camping gebruik van maken. Er hangt echter één nadeel aan het ding: hij raakt een keer vol en dan moet hij worden geleegd.
En dat was deze voorbijganger nu aan het doen.

Nu zie je er wel meer voorbij sjouwen, maar het bijzondere aan dit geval was dat hij in drie dagen tijd inmiddels voor de vijfde keer met dat ding langsliep om hem te legen. En om dat te bereiken moet er toch een extreem hoge productie zijn geweest.

Ik zei het tegen mijn echtgenote. Maar dat had ik beter niet kunnen doen want ik kreeg meteen de volledige inhoud van een dixi over mij heen. Waar ik op dat tijdstip van de dag, op de nuchtere maag, mij in godsvredesnaam mee bezig hield.

'Tja, die man kan wel hardstikke ziek zijn', zei ik.
'Dan moet hij naar een dokter', klonk de conclusie vanuit de caravan.

'Stel dat hij een bacterie bij zich draagt. Of misschien wel zijn vrouw. Dan worden we straks nog allemaal ziek'. Ik maakte mij er wel wat ongerust over.

'Ik begrijp niet waar jij je druk over maakt, jij bent altijd met dit soort zaken bezig. Soms word ik er echt stapelgek van'.
'Nou, dat valt reuze mee hoor'. Ik werd in de verdediging gedrukt.

'Nee Bart, dat valt helemaal niet mee. Je ziet teveel om je heen gebeuren en verbindt daar onzinnige conclusies aan'. De dixi was nog niet leeg.

'Gisteren had je het over de buren waarvan jij suggereerde dat ze ruzie hadden. Eergisteren over een paar Fransen die vis aten en waarvan jij suggereerde dat die bedorven was. En ze leven nog steeds, Bart'.

'Die lui hadden echt ruzie. Ik ken mijn talen. En die vis stonk als de hel. Die was echt niet goed'.

'In jouw ogen stinkt elke vis omdat je nu eenmaal denkt als de bekende boer: wat hij niet kent, dat vreet ie niet. Hou op met dat commentaar op anderen en let op jezelf'. De bak was nu leeg en ik kon doorspoelen.

'En ga vooral iets zinnigs doen', toch nog een toegift. Ze verdween met een nijdig gezicht in de caravan.

Iets zinnigs... ik heb mijn tablet gepakt en er een column over geschreven.

Bart

Copyright Brompot juni 2017

woensdag 14 juni 2017

Hollandse gezelligheid....

Ik had het meteen in de gaten. Ik heb daar namelijk een speciale neus voor ontwikkeld, die begint te lopen als ze mijn allergiecirkel dreigen binnen te dringen.

Het gaat over de "gezellige nederlander".

En ik mag barsten als het niet waar is: al rijd je vijftienhonderd kilometer van huis, op elke camping tref je dit soort pretletters aan.

Het setje wat mijn reukorgaan binnensloop kwam uit friesland. Uit Sneek. Nou ja, Sneek, als ik ze goed heb verstaan kwamen ze voort uit Snits. Dat moet daar ergens in de buurt liggen.

Als waarschuwing voor hun nationalistisch gedrag hadden ze maar een vlag aan hun tentstok geknoopt. Een lap stof met blauwe banen en gegarneerd met rode hartjes. Kon je er rekening mee houden.

Om in populairiteit wat te groeien, hadden ze speciaal voor hun aanstaande activiteit een oranje shirtje aangetrokken met daarbij een passend oranje petje. Ik miste nog de tekst "wk Műnchen 1974" want zo oud was het spul al wel.

Zowel de "Mem" als de "Heit" droegen beide een klembordje onder hun arm en stroopten alle hollanders af. Doel: het opzetten van een jeux-de-boules en klaverjas competitie wat zou moeten uitgroeien tot een heus toenooi wat dan elk weekend zou worden gehouden. Hoofdprijs: een fles wijn. Troostprijs: een fles wijn. Inleg: vijf euro. Zij was van de kaarten en hij van de ballen.

Nu moet ik bekennen dat ik aan drie dingen in mijn leven een pesthekel heb. Eigenlijk vier want behalve jeux-de-boules, klaverjassen en hollandse gezelligeheid op een camping, kan ik heel slecht tegen opdringerig volk wat meent dat ik tijdens mijn vakantie behoefte zou hebben aan dit soort gedoe. Ze stonden dus op voorhand al met 4-0 achter.

'Goedemorgen, en heeft u lekker geslapen ?', vroeg hij terwijl hij ons terreintje op kwam lopen. Zij, twee koppen kleiner, dreutelde er achteraan.
'Nee, niet zo best', zei ik. Mijn echtgenote keek vol ongeloof want even daarvoor had ik de recente nachtrust nog geroemd.
Voordat ze iets kon zeggen, pakte ik opnieuw de microfoon.

'Ik heb heel naar gedroomd', zei ik.
'O, dat is vervelend', wist Mem. 'Maar gelukkig zijn dromen bedrog'. ze lachte als een echte Camilla Parker Bowles, als een fries stamboekpaard.

'Dromen ? Jij ?', vroeg mijn echtgenote nog steeds vol ongeloof.

'Ja, ik droomde dat ik werd uitgenodigd om aan een jeux-de-boules wedstrijd mee te doen'.
'Daar heb jij toch een pesthekel aan ?'. Ze speelde het spelletje nu mee.
'Ja, maar die organisator bleef maar doorzeuren'.

'O, ja dat is een echt nare droom, bijna een nachtmerrie. En hoe liep het af ?', infomeerde ze quasi ongeduldig.

'Ik heb een compleet setje ballen bovenhands naar zijn kop gegooid en vervolgens in zijn miegel gepropt', lachte ik terwijl ik de Heit aankeek.
'Wat is eigenlijk het doel van uw komst ? ', vroeg ik verder.

Hij stamelde wat, kuchte een keer en keek toen geinteresseerd naar zijn klembord. 'Ik ben verkeerd, ik moet bij uw buren zijn, excuus'. Hij lachte als een friese boer met kiespijn.

Ze knikten een keer en verdwenen.

De rest van de vakantie niets meer over enig toernooi gehoord.

Geweldig.

Bart

Copyright brompot juni 2017

zondag 11 juni 2017

De Yeti

Ze kwamen aan in een Skoda. Zo'n vierkante bak van het model Yeti. Een leuk autootje waar je volgens de optimistische folder lekker in kunt zitten en die  daarnaast ook nog over een enorme ruime laadbak beschikt. "Ideaal" om mee te gaan kamperen.

Nu kan ik mij vanuit mijn sprookjestijd herinneren dat een Yeti iets met een verschrikkelijke sneeuwman te maken heeft en dat zou met zo'n Skoda best eens kunnen kloppen.

Nu gaat deze column gelukkig niet over auto's. Tenminste niet anders dan dat het setje met zo'n Yeti binnen kwam rollen op onze camping.

Ik had het na het standaard uitstapritueel meteen in de gaten: het werd allemaal een beetje voorzichtig aftasten. Ze kenden elkaar vast nog niet zo lang en naar mijn idee had een ieder zo zijn eigen spullen in de vast nog broze relatie ingebracht. Zoiets voel ik altijd aan en meestal heb ik het wel goed.

Hij had een klapstoel ingebracht. Zij ongetwijfeld "haar" Yeti, met daarachter vastgeknoopt "haar" caravannetje en toen ze uiteindelijk het spul op de plek hadden staan, ging het achterklepje open en kwam "haar" hond tevoorschijn.

Je kon duidelijk zien dat het dampende bakbeest van haar was want hij jumpte eruit, duwde haar omver, sprong er met vier poten bovenop en gaf het vrouwtje een ongekende likbeurt. En dan gegarneerd met van die lange drellen stinkend slijm

'Die hoef je voorlopig niet meer te kussen, knul', concludeerde ik zacht.

Hij stond er een beetje beteuterd bij te kijken en wist even niet goed wat te doen. O ja, proberen vriendjes te worden.

Hij naderde Pluto uiterst voorzichtig en probeerde hem te aaien. Helaas, het bakbeest draaide zijn vervaarlijke kop in zijn richting, liet zijn tanden zien en gromde zwaar. 'Opzouten jij, indringer, het is mijn vrouwtje. Daar blijf jij vanaf'.

Ik vond het allemaal best vermakelijk en vroeg me af hoe dat die komende nachten zou moeten gaan. In bed bedoel ik. Hij op het matje vóór het bed, zij erin met Pluto. En hij had zich ongetwijfeld nog zó voorgenomen om de vakantieweken goed te besteden. Flink te investeren in de liefde want gelet op zijn wat bleke bekkie, en de enorme zorgwallen onder zijn ogen was hij daar behoorlijk aan toe.

'Floor, af nu', klonk het commando. Floor was nog niet helemaal klaar.

De nieuwe vriend deed nu ook een duit in het zakje. 'Kom Floor, luisteren naar het vrouwtje', riep hij met een overdreven vriendelijke stem.
Floor keek hem aan. 'Bemoei je met je eigen zaken, sukkel, ik bepaal zelf wel wanneer ik loslaat'.

Vriendje deinsde angstvallig iets terug.

'Floor, nu is het genoeg. AFFFFF, LOSSSS, AFFFF...

Floor haalde nog één keer aan, gaf haar een laatse lik, sprong er toen af en ging hijgend naast haar liggen.
Ze kwam nu lachend overeind en aaide hem nog een keer over zijn kop. 'Floor is lief hè, ja braaf, braaf zo'.

'Ja hè Floor, braaf hoor', probeerde hij opnieuw. Je moet nu eenmaal investeren in een relatie.

Floor had zo zijn eigen opvatting over investeren. Hij gromde tegen blaffen aan.

'Dit komt niet goed', fluisterde ik mijn echtgenote in het oor.
'Jawel hoor', lachte ze.

Toen we die avond in onze caravan op bed lagen, hoorde ik gestommel bij de buren. Er ging een caravandeur open, en weer dicht, een Yetideur open en weer dicht, opnieuw een caravandeur open en weer dicht.

'Floor ligt bij de verschrikkelijke sneeuwman', grapte mijn echtgenote.
'Party-time voor de buurman', lachte ik terug.

Toen ik de volgende ochtend vroeg aan een bakkie pleur voor de caravan zat, hoorde ik gestommel in de Yeti. De hond had het vast warm want er stond geen raam open en de binnenzijde van de ruiten waren flink beslagen.

Toch sneu, zo'n hond in zo'n auto, vond ik.

Plotseling echter klapte de achterdeur open en verschenen er twee blote benen die hun oorsprong ergens in een gestreepte onderbroek vonden.

Nadat ze op het gras waren geland en op stevigheid getest, verscheen het bovenste gedeelte.

De Yeti. Hij keek me aan met een soort van opperste wanhoop. 

'Floor ?', vroeg ik.

Hij knikte verdrietig.

Bart

Copyright brompot, juni 2017

donderdag 8 juni 2017

Ballet-les

'Opa, zal ik jou ballet leren ?', vroeg mijn kleindochter van bijna vier tijdens een oppas-dag. Ik zat aan de koffie en bestudeerde net op dat moment een facebook bericht met de aanbieding van een pot wonderpillen waarmee je binnen een week tien kilo kon afvallen.

'Wat zeg je, meiske ?', vroeg ik terwijl ik de telefoon weglegde.

'Wil jij met mij ballet doen ?', herhaalde ze. Ze stond nu voor me en keek me hoopvol aan.
'Opa is niet meer zo goed in ballet, misschien dat oma...'. Ik kreeg de kans niet om mijn zin af te maken.
'Nee, oma kan het niet. Jij moet balletten'.
'Maar opa kan het ook niet', probeerde ik nog.

'Ach joh, gewoon even meespelen', fluisterde mijn echtgenote in mijn oor.

'Oké dan, maar dan moet jij maar zeggen wat ik moet doen', zei ik.
'Kom maar opa, naar de keuken'.


Ik stond met enige tegenzin op en liet me afvoeren richting Carré.
Daar aangekomen werd ik op mijn plaats gezet en kon "het zwanenmeer" beginnen.

'Je moet eerst je handen boven de hoofd doen, opa', zei ze streng. Ze deed het voor en ik deed het na.

'Ziet er vertederend uit', riep iemand uit het publiek.

'En nu draaien opa'.
Ik draaide voetje voor voetje totdat ik de 360 graden had bereikt.
'En wat nu ?', vroeg ik.

'Nu moet je de been omhoog doen en voet op de knie'. Ze deed het wederom soepeltjes voor. Ik stijfjes na en moest me aan het aanrecht vastklampen om niet met kleren en al in het zwanenmeer te donderen.

Ze keurde het af.

'Nee opa, je moet de handen boven de hoofd doen, en de voet op de knie. Ze zakte op haar knietjes en drukte mijn voet op zijn plek tegen mijn knie.
'Zo moet dat, en nu springen, opa'.

Ik probeerde de hele handel aan de zwaartekracht te onttrekken maar kwam geen milimeter los. Zij zweefde ondertussen als een prachtig vederlicht zwaantje over de bühne.

Vanuit het publiek werden er nu foto's gemaakt. Of misschien wel een filmpje.

'Ik mis wel een tutu', riep mijn echtgenote enthousiast.
Ik stak mijn tong uit.

'Dansen opa, dansen !', riep mijn kleindochter terwijl ze steeds wilder om mij heen vloog.

Mijn echtgenote stond op, verdween in de gang en keerde terug met een stuk vitrage.

'Kom, even een tutu maken'. Voordag ik het goed en wel in de gaten had, was mijn lompe lijf opgeleukt met een stuk gordijn. Mijn kleindochter gilde het uit.
'Opa, dansen, dansen, dansen !!!!!!'. Ik huppelde nog steeds met mijn armen hoog wat hulpeloos heen en weer.

'Je moet eigenlijk op je tenen dansen', lachte mijn echtgenote vanuit de zaal. Tja en dan wordt je overmoedig. Inmiddels was YouTube aangezet en galmde Tsjaikovski door Carré. Nu nog mijn tenen....

Om een lang "bedrijf" wat in te korten: de tenen van mijn rechtervoet knakten onder het gewicht van de overgewichtige zwaan en het doek kon dicht.

Toen ik wat later geblesseerd uit het theater terugkeerde en uitgeput op de bank plofte, ben ik toch nog even op zoek gegaan op facebook.

Zo'n pot wonderpillen is bij nader inzien misschien niet eens zo'n slecht idee....

Bart

Copyright brompot juni 2017

'

dinsdag 6 juni 2017

Een hollands bakje koffie




'U kunt daar plaatsnemen en een kopje koffie pakken', zei een vriendelijke receptioniste. Ze was achter haar werkplek vandaan gekomen om mij te woord te staan. Ik vind dat altijd prettig. Niet zo'n wuftige juf die ongeinteresseerd haar nagels zit te vijlen terwijl ze met je in gesprek is. Nee, ze was oprecht geïnteresseerd in mijn komst en behandelde mij met alle égards.

Ik kreeg overigens het gevoel dat deze "persoonlijke" benadering wellicht mede werd ingegeven omdat ik misschien wel een aantrekkelijk ogende zestiger ben. Ik weet dat er vrouwen zijn die het prettig vinden om met zo'n leuke, levenservaren man in gesprek te geraken. Nou ja, vrouwen, laat ik het zo stellen: van één vrouw weet ik het zeker. Mijn echtgenote.

Ik liep naar de aangegeven plaats. Een notenhouten tafel met een gemonteerde krantenbak en drie i-pads om mobiel te kunnen werken terwijl je wacht. Toen naar de luxe koffieautomaat. En dat heb ik dan weer: vijftien keuzeknoppen met de meest fantastische benamingen maar de knop voor een simpel bakkie hollandse koffie ontbrak.

Tja, en daar sta je dan. Expresso, dubbele expresso, koffie verkeerd, koffie met melk, amerikaanse koffie, nog wat onbegrijpelijke italiaanse knoppen... Ik keek hulpeloos om mij heen...

'Kunt u het vinden ?', hoorde ik de vrolijke stem van de receptioniste. Ze kwam met korte pasjes hoog-gehakt aangedribbeld.

'Hoe kom ik aan een hollandse bak koffie ?', vroeg ik.

Ze lachte. En dan op een manier dat je bij jezelf denkt: wat een een leuke lach. Echt gemeend.

'Ik heb al eens naar mijn manager geroepen dat er de volgende keer een eenvoudiger apparaat moet komen. Het gaat zo vaak mis'.

Ze pakte het lege kopje van mij aan en plaatste hem onder het apparaat.

'Kijk, dan moet je op deze knop drukken. Melange koffie. En dan wordt er een oer-hollands kopje koffie gezet'.

Ik knikte. 'Oké, dat is dus de truc'.

Samen keken we stilletjes naar de verrichtingen van het apparaat. Bonen malen, een beetje gekreun en gesteun en het gekletter van de koffie in het kopje.

'Dank u wel, zo lukt het verder wel hoor', blaatte ik.

'In deze bakjes vind u de melk en eventueel de suiker. U gaat het redden zo ?', informeerde ze nog.

'Ja hoor', zei ik op een wellicht iets te leuke toon.

Ze tripte weer weg op haar tikkenden hakken.
Ik nam mijn koffie, pakte een cupje melk, een houten roerstaafje en nam plaats. Terwijl ik nog even in haar richting keek, drukte ik met mijn duim in het alluminium dekseltje van het cupje koffiemelk.

Ik voelde meteen dat het mis was: de melk spatte eruit en drupte op mijn broek.
Ik keek snel om mij heen op zoek naar ongewenste getuigen. En ja, uiteraard, zij keek op dat moment vanachter haar werkplek. Ze schoot in de lach. Ik voelde een rode kleur stijgen en probeerde de schade wat weg te wrijven. Echter, voordat ik de zaak had weggedweild stond ze naast me met een stapeltje servetjes.

'Dat gebeurt zo vaak', zei ze. 'Je kunt beter van die melkpoederstaafjes hebben. Dat is veiliger voor de klant'. Ze knipoogde. Ik kreeg het nu nog warmer. Wát een aardige vrouw en wát een prettige behandeling. Dit was echt "gemeend" persoonlijk.

Nadat ze weer achter haar desk zat, vroeg ik mij af wat mij nu zo speciaal maakte dat ze zo geïnteresseerd was in mijn persoon. Mijn grijze haar misschien ? Mijn door de zon gebruinde gezicht ? Mijn plooien ? Mijn iets te dikke lijf ?.

Terwijl ik zo zat te mijmeren kwam er een nieuwe klant binnen. De receptioniste schoot achter haar bureau vandaan en begroette de klant zo mogelijk nog vriendelijker dan ze mij had gedaan.
Ik ontdekte een jonge god van naar schatting zo rond de dertig...

Terwijl ze god naar de koffieautomaat sleurde om ongetwijfeld hulp te bieden bij het zetten van een oer-hollands kopje koffie, klapte ik met een forse dreun terug op aarde.

Ik ben zonder verder op te kijken aan de gemonteerde krantenbak begonnen.

Bart

Copyright Brompot juni 2017

zondag 4 juni 2017

De lift....


'Even iets inschikken, anders gaat de deur niet dicht', riep mijn vriend die als laatste de hotellift instapte en probeerde een comfortabel plekje te bemachtigen op de beschikbare 2,5 vierkante meter liftvloer. We stonden er al met zijn drieen opééngepakt. Inclusief rugtassen. Het was rond tien uur en dat was tevens het tijdstip waarop we een afspraak hadden met een reisleidster van de organiserende reisclub waarbij we deze reis naar het Griekse Zakhintos hadden geboekt. Haast geboden.

Hij drukte op de knop "begane grond" en op commando voerde de binnen-klapdeur de opdracht uit door dicht te klappen. Klaar voor vertrek. En jawel, de lift kwam in beweging.

Het was warm, buiten flitste de thermometer inmiddels voorbij de vijfentwintig graden en binnen de liftkooi was de temperatuur, dankzij de vier in het plafond gemonteerde spotjes, zo mogelijk nog hoger opgelopen.

'Warm hier', pufte mijn echtgenote. Er werd nu als reactie klassikaal gepuft.
Vol ongeduld staarden we naar het digitale schermpje waar inmiddels het cijfer twee met een bekend zuid-europees tempo voorbij schoof, op weg naar de één en verder.

Plotseling remde de kooi af en kwam tot stilstand. We keken elkaar aan en mijn vriend haalde zijn schouders op. Hij drukte nogmaals op de één.
Er gebeurde niets.

De aan en uitknop geprobeerd....
Geen beweging.

Ook het digitale schermpje gaf geen sjoege. Hij was en bleef zwart.

'Ik druk op het alarm', riep mijn vriend kordaat. Binnen de kooi weerklonk het aanzwellende geluid van een roedel jankende weerwolven.
Knop los.
Stilte.
Geen reactie.

Ik keek naar een bordje wat op de wand was geplakt. Waarschijnlijk stonden daar de "wat te doen bij" instructies. Op zijn Grieks.

Nogmaals het alarm...
Knop los.
Stilte.
Geen reactie.

'Ik krijg het nu wel erg warm', hoorde ik iemand klagen.
'En ik krijg het benauwd. Komt er wel ergens zuurstof binnen ?'.

Ik schrok. Zuurstof. Ik zag nu de condensdruppels langs de wand naar onderen zakken.

'Zit er geen luik in het dak ?', vroeg ik. Mijn vriend duwde tegen het plafond. De sierplaat met de spotjes kierde waardoor het echte plafond zichtbaar werd. Hij bleek keurig afgelast. Geen luik en potdicht.

Toen de sierplaat weer op zijn plek viel, schoten de gloeiend hete spotjes los en bleven tien centimeter lager als slingers aan het snoertje hangen. Ik probeerde ze terug te duwen in hun sponning. Helaas, verder dan een brandblaar kwam ik niet.

Er begon nu toch wat paniek te ontstaan. De receptie zetelde in een ander gebouw en verder bleek er niemand in de buurt. Ook bleek er geen alarmverbinding te bestaan tussen de lift en de receptie.

Opnieuw het alarm, nu een paar minuten achtereen.
Knop los.
Stilte.
Geen reactie.

'Dan maar allemaal schreeuwen'.

We schreeuwden ons de longen uit het lijf, dreunden met onze knuisten op de stalen klapdeur en mijn vriend bleef nu onafgebroken de weerwolven knijpen.
'Dit moeten ze zelfs thuis kunnen horen', schreeuwde mijn echtgenote boven het kabaal uit.
Ik kweekte er ondertussen nog een brandblaar bij. Op mijn oorschelp. Het spotje was gloeiend...

Stilte.
Geen reactie.

De atmosfeer begon nu echt bedompt te worden. Dit moest niet te lang meer duren.

'Nog maar een keer', riep ik.

Opnieuw een oorverdovend kabaal....
Stilte.

'Ssssssttttttt', riep mijn vriend terwijl hij een vinger verticaal voor zijn mond hield.

'Is daar iemand in de lift ?', hoorde we een zachte hollandse stem ergens vanuit de diepte roepen.
'Ja, kunt u met spoed de receptie waarschuwen ? We zitten vast'.

'Waar zit u vast ?'.

'In de lift, tussen de tweede en de eerste verdieping, haal snel de receptionist erbij. We stikken !!!!'.

Vijf minuten later kwam de kooi na een technische ingreep in beweging, stopte op zijn eindpunt en klapte de deur open. Opgelucht stapten we uit en ruim twintig minuten later dan gepland stormden we alsnog het zaaltje binnen waar de reisjuf de overbekende excursiekleedjes verkocht.

We hebben inmiddels collectief besloten niet meer met deze lift te reizen.
Ik overweeg vanwege de brandblaar en de opgelopen emotionele schade nog een letselschadeadvocaat.

Bart

Copyright Brompot juni 2017

donderdag 1 juni 2017

Een bushaltegesprek.

Het komt slechts zelden voor, maar ik stond er. Bij de bushalte. Om mijzelf tegen een vergoeding van A naar B te laten vervoeren. En ik was niet de enige die dit van plan was. Naast mij stond een bejaarde dame die behalve om een busritje blijkbaar ook om een praatje verlegen zat.

'Wat een lekker weer is het toch. Gewoonweg heerlijk', vatte ze al zendend samen.
'Ja, inderdaad, heerlijk weer', zei ik terwijl ik aanstalte maakte om in het bushokje wat heen en weer te drentelen. Ze hield me tegen met haar stem.

'We hebben dit ook wel verdiend, het was de laatste tijd te koud, vind u niet ?'.

Ja, eigenlijk vond ik dat ook. Maar ik had niet zo'n zin om te praten. Zij wel.

'En je ziet nu de hele natuur opvrolijken', ging ze verder. Ik vermoedde dat er een opsomming kwam.

'De bladeren aan de bomen, de planten in bloei, het gras wat zo heerlijk ruikt. De vogels druk met nesten... zo fijn allemaal. Ik krijg gewoon weer zin in het leven'.

Ik glimlachte voorzichtig. Ik besloot er niet op in te gaan. Voordat je het weet wordt je vergiftigd met de memoires van een vreemde.

'Ziet u, mijn man is vorig jaar overleden'.

Tja, dat bedoelde ik. Ik voelde dat ik uit mijn veilige tent werd gelokt.

'Ja, dat zijn vervelende dingen', perste ik er met een in beleefdheid gedompelde tegenzin uit terwijl ik wat korte pasjes maakte en een steentje in de goot trapte.

'Inderdaad, en dan blijf je alleen over. We hebben namelijk geen kinderen', voegde ze er wat verdrietig aan toe.

'Dan wordt het leven wel heel eenzaam', mekkerde ik op de maat van de treurnis.

'Maar ik heb nog wel een zuster. Ook weduwe. We slepen elkaar er doorheen. Dus zo eenzaam ben ik dan gelukkig weer niet. Ik ben trouwend onderweg naar haar toe, ze woont in Doesburg'.

Ik gunde mijn stem wat rust.

'Heeft u kinderen ?', vroeg ze.

Ik knikte.

'Leuk', concludeerde ze zoals kinderlozen, niet gehinderd door enige opvoedkundige ervaring, vaak plegen te concluderen.
'En u bent misschien al opa ?', vroeg ze met enige voorzichtigheid.

Ik knikte.

'U bent vast een leuke opa', borduurde ze verder.

Ik haalde mijn schouders op en probeerde een prettig trekje te toveren.

'En hoeveel kleinkinderen heeft u ?'.

'Vier. Drie jongens en een meisje', specificeerde ik maar meteen door.

'Ach wat leuk'.

Ze frommelde wat aan haar kleding en pakte haar portemonnee uit haar witte handtas.

'Toch ben ik blij dat ik een vestje aan heb getrokken. Het lijkt wel mooi, maar zo bij de halte...', zei ze na een alinea vol stilte.

Ik knikte.

De bus kwam eraan.
Toen de deur voor mijn neus openklapte liet ik haar beleefd voorgaan.

Even later liep ik aan haar voorbij, knikte vriendelijk en nam op veilige afstand plaats.

Bart

Copyright Brompot mei 2017