Herfst
‘Jazeker Betsie. Het is herfst dus ik kan mijn hart weer ophalen.’
Betsie woont een eindje verderop in de straat. Ik vind het altijd een schatje. Gewoon een lieve vrouw die je graag als schoonmoeder zou hebben. Maar ja, schoonmoeders worden nu eenmaal niet gekozen. Die krijg je er ongezien bij. Net als surprises die je rond vijf december in je mik geschoven krijgt. Kan meevallen maar soms ook trauma’s veroorzaken. Zoiets.
‘Jij kunt altijd zo netjes vegen. Ik zeg wel eens tegen mijn Ron: je kunt een puntje aan die tuin van Bart zuigen.’
Ze lachte kuiltjes in haar wangen.
‘Ja Bets, de tuin is mijn lust en mijn leven’, overdreef ik.
‘Dat kun je goed zien Bart. Wat doe jij altijd met die vlinderstruik?’
‘Vlinderstruik?’, vroeg ik. Eh.. vlinderstruik? Ik had geen idee welke dat zou moeten zijn.
‘Snoei je die helemaal af?’
‘Nou nee, dat lijkt mij niet.’
‘Goh, ik dacht echt dat hij gesnoeid moest worden.’
‘Dan hebben de vlinders er niks meer aan Bets.’
‘Er zijn toch geen vlinders in de winter?’
Had ik weer: gezwam over vlinders.
‘Jawel, de wintervlinder ook wel de kerstvlinder genaamd. In het latijn heet hij de Vlinderia Christianus. Heel bijzonder.’
‘O, kijk. Dat is inderdaad bijzonder. Ik vind die bijbehorende Latijnse benaming altijd zo mooi. Ik heb ooit Latijn gestudeerd, vandaar.’
‘O, kijk. Ja, die Latijnen hadden overal namen voor.’
‘Klopt. Ik denk zelfs ook voor jou.’
‘Voor mij? Eh.. Bartolomeüs of zoiets?’
‘Nee, een kletskousius enormus.’
Bart
Geen opmerkingen:
Een reactie posten