Totaal aantal pageviews

donderdag 12 februari 2026

Vive la France (Serie5-2020-11)

'Weet je wat ik ben vergeten?', hoorde ik mijn echtgenote vanuit de caravan roepen.
'Je zwembroek?', raadde ik.
'Mijn strijkijzer. Ligt nog thuis in de gang op het kastje.' 
Ze kwam naar buiten.

'En wat nu?', vroeg ik. 'Hoe erg is het?'


'Nou ja, ik heb een paar broeken thuis zo uit de droogtrommel getrokken.'
'Ja, èn?' 
Ik begreep het niet helemaal. 
‘Die heb je dan toch?'
'Die wilde ik hier dus strijken, Bart.’

Ze keek me aan terwijl ik nog volop in het denkproces zat.

‘Ja, snap je het nou?' Ze klonk wanhopig.
'Bijna.Want wat deed dat ding op het kastje in de gang?', 
Ik wilde dat toch wel weten.
'Ja, daar had ik hem neergelegd. Zodat ik hem niet zou vergeten.'
'Nou, dat is dan niet gelukt', constateerde ik droogjes.

'Vroeger legde mijn moeder mijn broek onder het matras. Dat werkte ook', herinnerde ik mij.
'Dat kan niet in de caravan', zei ze.
'Ik zou niet weten waarom niet.'
'Bart, we hebben een lattenbodem.'

'Jij had me trouwens ook nog even kunnen helpen herinneren! Hoe vaak ben je er langsgelopen?'
'O, ontelbaar. En ik heb hem vaak zien liggen.'
'Waarom heb je hem dan niet even in de caravan gelegd?' 
Ze was echt nijdig.
'Nou ja schat, ik was echt bang dat je hem dan zou vergeten.'

Bart

Vive la France (Serie5-2020-17)

‘Die vrouw van die caravan hier tegenover heeft nu voor de zesde dag op rij dat roze jurkje aan’, merkte ik op. 
‘Hou jij dat bij?’, vroeg mijn echtgenote. ‘Vind je het zo’n leuk jurkje?’
‘Ach nee. Maar met dit weer trek je toch af en toe wat schoons aan?’
‘Hoezo? Jij loopt toch ook de hele vakantie met dat Max Verstappen shirt aan?’
'Alleen als hij rijdt schat. En het is zwart, zie je niks op.'
'Nee, daarom vraag ik mij ook af wat de lol is van dat shirtje.'

'Ik zie ook geen waslijn hangen', zei ik.
'Dan kijk je niet goed. Er hangt er één aan de achterkant. Bungelen zijn sokken aan.'
'Het gaat mij om dat jurkje van haar, schat. Niet om die sokken van hem.'
'Ik snap niet waar je je mee bemoeit, Bart. Die vrouw vindt het vast een prettig jurkje.'
'Kan me niet voorstellen. Heb je gezien hoe strak hij zit? En hij is vast niet te warm gewassen want wassen doet ze dus niet.'

'Kijk, daar loopt ze weer. En nu heeft ze ook nog van die wandelschoenen aan. Ik denk dat ze gaat klootschieten.'
'Klootschieten?', vroeg mijn echtgenote.
'Ja, daar is het echt zo'n jurkje voor.'
'Hoezo?', wilde ze weten.
'Valt enorm op langs de weg. Is een stuk veiliger. Misschien oefent ze wel voor de clubkampioenschappen. Die zijn altijd zo rond juni.'
'Man wat kan jij toch zwammen.' Ze pakte haar tablet.

'En, nog wat ontwikkelingen?', vroeg ik. 'Nieuws?'
'Nee joh, ik blader gewoon wat door de reclame-app.'
'Nog leuke aanbiedingen?'
'Nou, dat niet, maar ik weet nu iets meer over haar roze jurkje. Het mysterie is opgelost.'
'O? Vertel?'
'Die jurkjes zijn in de aanbieding. Drie voor vijfentwintig euro. Ze trekt elke twee dagen gewoon een nieuwe aan. Zaak opgelost. Moeten we het nu nog even over haar ondergoed hebben?'

Bart
 

Blessure

‘Hé Carla, hoe gaat ie?’, vroeg ik belangstellend toen ik onze altijd weer frivool  uitgedoste buurtgenote, beter bekend als Carla-van-de-Porsche, voorbij zag lopen. Ik liep net buiten de oprit te inspecteren.

‘Redelijk’, antwoordde ze op een wat sneu toontje.
‘Verkering uit?’, gokte ik.
‘Nee, ik heb een spiertje verrekt en nu moet ik van de fysio bewegen. En dat doet zeer.’
‘Rug?’
‘Nee, lies.’

‘Ja, dat kan zeer doen. Heb ik ooit ook eens gehad. Toen ik nog in militaire dienst lag.’
‘Lag jij toen?’, vroeg ze onnozel.
‘Nee, ik moest tijdens het nemen van de stormbaan over een hek klimmen. En toen schoot het erin. En jij? Hoe heb jij het opgelopen?’
‘O, kwam door mijn vriend. Die doet altijd zo gek!’

‘Oei, dat hoef ik allemaal niet te weten hoor’, lachte ik. ‘Hou dat maar voor jezelf.’
‘Nou ja Bart, honderd meter hordelopen op de atletiekbaan is toch niks bijzonders?’

Bart




Vive la France (serie 2024-3)

‘En waar komt u vandaan?’, vroeg Truus. Ze stond op de scheiding tussen onze plek en die van de buren die net waren gearriveerd.

‘Uit Oss.’ Wij komen uit Oss, weet u waar dat ligt?’
‘Jazeker, in de buurt van Den Bosch, toch?’
‘Nou, in de buurt, je zou het moeten lopen’, lachte ze.

‘Mijn Truus kan goed lopen hoor’, merkte ik op. ‘Hulp nodig?’, vroeg ik aansluitend toen ik de nieuwe buurman zag zweten om de moverloze caravan op zijn plek te duwen. 

‘Geen mover?’
‘Jawel, maar die staat nu te ouwehoeren over Oss.’

‘U komt zo te horen van origine niet uit Oss’, stelde ik naar aanleiding van zijn plat-Haagse accent vast.
‘Niet geboren. Ik ben Hagenees, maar woon al een poosje in dat Oss. Nog een klein zetje… ‘

Ik duwde met volle kracht en na tien centimeter trok hij de handrem erop. 
‘Die staat’, riep hij terwijl hij enthousiast zijn beide armen in de lucht stak.

‘Wij komen uit Doesburg’, hoorde ik Truus vrolijk doorbeppen.
‘En waar ligt dat?’, vroeg de mover.
‘In de buurt van Arnhem.’
‘O, kijk. Maar je man komt vast uit het westen.’
‘Klopt, ook Hagenees.’

‘Maar hoe komt een Hagenees in Oss terecht?’, vroeg Truus nieuwsgierig.
’Waarschijnlijk op dezelfde manier als jouw man in Doesburg. Vlaag van totale verstandsverbijstering.’

Bart