Totaal aantal pageviews

vrijdag 21 februari 2025

Een tiep

Een Tiep

Had ik weer: zit je een keer in de trein, neemt er op de lege plek tegenover je een dame plaats. En dan niet zo maar één.. Nee, het betrof in mijn beleving zo’n actie-tiep die je op het nieuws wel eens op de A12 uit hun plaat ziet gaan. En in dit specifieke geval dan een afgemonteerd exemplaar met een gebreide vijfentachtig kleurentrui, pofbroek en een rugtas van een zelfgekweekte maïskolf. Zoiets. 

Terwijl ik haar zo observeerde zag ik haar met haar behoorlijk stevige achterwerk wel ergens ter hoogte van het Haagse Malieveld op het asfalt zitten.

Ze keek met een enorme ernst de wereld in en was ongetwijfeld bezig met het bedenken van acties tegen fossiele brandspullen. 

Plots trok ze haar rugding op schoot, poerde wat binnen de ingewanden en rukte een boekje-met-potlood tevoorschijn. 
Ze keek nog even vluchtig naar het plafond, toen naar mij, slaakte een zucht en schreef wat op. 

De attributen keerden daarna terug in de maiskolf, die met een paar sluittouwtjes werd dichtgetrokken en ze schoof hem terug naast zich op de bank. 

Vervolgens plaatste ze de punten van haar ellebogen op haar knieën en plaatste haar handen onder haar hoofd. Niet lang, want nadat ze met haar asfaltwals op het bankje heen en weer had geschoven, stond ze op, greep de maïskolf en haastte zich de wereld in. Ik bleef achter met de voor mij prangende vraag: waar heb ik nou in Godsnaam naar zitten kijken.

Bart

Een nieuwe trui

Een nieuwe trui.

‘Ik vind het niks’, zei ik toen ik de trui paste.
‘Niks? Wat vind je niks?’, vroeg Truus.
‘De verkoopster!’, antwoordde ik. ‘Wat denk je nou wat ik bedoel!’
‘Nou ja, ik vind die verkoopster ook niks.’

‘Truus, ik wil geen trui met horizontale banen.’
‘Verticale banen vind je ook niks, dus?’
‘Wat dus?’
‘Dus wordt het geen trui.’

‘Er zijn toch ook nog andere truien?’, zei ik.
‘Nee, die zijn er niet!’, bitste ze.
‘Hoezo niet? Truien zat!’

‘Lieve schat. Truien zat? Let goed op: meneer wil geen strepen, geen stippen. Effen truien vind hij saai, een V-hals staat te ouderlijk, een ronde hals is te benauwend. Wol kriebelt, katoen kreukt teveel, rood, blauw groen en zwart zijn niet “jouw kleuren”. 

Dan hebben we het nog niet over slobbertruien gehad, truien met een rits, een kraag, truien met een boord…  Die vindt meneer  allemaal niks. Dus, hoezo truien zat?’

Ik keek haar aan, vervolgens wanhopig om mij heen en ontdekte toen een gele trui. Hij lag moederziel alleen op een plank.

‘Die lijkt me wel wat!’, riep ik blij.
Ze keek me hoofdschuddend aan. ‘Geel? Sorry Bart. Die vind ik helemaal niks.’
‘Helemaal niks, Truus? Jij hebt toch ook werkelijk altijd wat te zeuren.’

Bart