Totaal aantal pageviews

dinsdag 19 november 2024

De cake

De cake

‘Lukt het?’, vroeg Truus toen ik opgevouwen in een keukenkastje probeerde een cake bakblik te pakken.
‘Nee. Waarom gooi je dat ding gloeiende gloeiende achter in dat kastje?’
‘Omdat jij je stoorde aan dat blik. Het lag eerst vooraan.’
‘Ja, pal voor de borden. Lekker handig.’

‘Heb je hem nou of niet?’
‘Wat denk je zelf?’
‘Niet? Moet ik bijlichten?’
‘Bijlichten? Mijn armen zijn te kort. Kom hier!! Kloteblik!’

‘Rustig, denk aan je hart.’
‘Had dat vooraf bedacht!’
‘Krijg het heen en weer. Ik probeer je te helpen!’
‘Ja, van de wal in de sloot. Ik zie hem wel liggen maar kan niet ver genoeg…’

‘Ik zei nog tegen je, je moet nodig afvallen. Je buik zit in de weg!’
‘Waarom moet je zo nodig nu dat bakblik hebben!’
‘Mama komt vanavond op de koffie.’
‘Ook dat nog’, mopperde ik in een uiterste poging.
‘Ja, ook dat nog! Heb je hem nou of niet?’ 

Ik trok mijzelf moeizaam terug uit het kastje.
‘En wat nu?’, vroeg ze.
‘Ik neem je advies over.’
‘Wat voor een advies?’, vroeg ze nijdig.
‘Dat van dat afvallen.’

‘En mijn bakblik dan?’
‘Die hebben we niet meer nodig!’ 
‘Bepaal jij dat?’
‘Ja, ík moet toch afvallen?’

Bart