‘Met Bart. O, hallo Ma, je moet zeker Truus hebben, ik zal haar even roepen… O? U moet mij hebben? Wat is er? Doet ie het niet? Zal ik even het telefoonnummer van de helpdesk opzoeken?
O? Die weten het ook niet? Wat? Ik? Hoezo ik? Heb ik geen verstand van. Wat zegt u? O, dat ik nergens verstand van heb. Mooi dan.
Maar wat mankeert er dan aan? Hij doet helemaal niks? Stekker er wel in? O, Geen stekker. Batterij vol? Geen groen lampje? Helemaal geen lampje? O, er zit geen lampje op. Tja, dan weet ik het ook niet.
Ja, sorry, ik ben geen monteur hoor! Wat je er mee moet? Ik zou hem wegbrengen. Nee hoor, dat kunt u zelf ook wel. Zo ver is het niet.’
‘Nee, het is in de buurt. Nog geen tien meter lopen. Wat? Nee nee, ik zal het uitleggen.
Ja, even goed opletten nu. Pak hem maar in uw hand, ja, hebbes? Dan loop je nu naar de keuken. Ja? U bent in de keuken? Wat u daar moet? Ja, dat leg ik net uit.
Er staat een grote glimmende trommel met een voetpedaal in de hoek. Trap nu met je rechtervoet op het pedaal, gaat er een klep open, hou dat ding er boven en als ik Vuur riep laat u hem los. VUUUUUURRRRRR. Succes Ma.’
Bart









































