Totaal aantal pageviews

zaterdag 9 mei 2026

Vive la France (2025-5)

‘Bart, je moet straks even naar het dakluik kijken’, riep Truus vanuit de caravan.
‘Zie je wat bijzonders?’
‘Hij sluit niet goed. Ik zie een kier.’

‘Heb je er geen vinger tussen zitten?’
‘Waar slaat dat nou weer op?’
‘Omdat je vaker klem hebt gezeten. Ik herinner mij nog een deur.’
‘Dat is geen luik. Wil je nou kijken of niet?’
‘Ik wil wel kijken, maar als je vinger er tussen zit heeft dat geen zin. Dan moet je die er eerst tussenuit..’

‘Hoe lang duurt deze vakantie nog?’, vroeg ze nijdig.
‘Weekje of vier. Tenminste, dat was ons plan toch? Truus?’
Geen reactie.

Ik besloot toch maar mijn biertje aan de kant te zetten en op te staan om mij naar het getroffen gebied te verplaatsen.

‘O, ben je daar? Kijk, hij sluit niet en ik heb al mijn vingers nog.’ Ze stak als bewijs haar beide handen in de lucht terwijl ik het luik bekeek.
‘Kijk eens naar dat zwarte hendeltje. Zou dat zo goed staan?’
Ze keek omhoog.
‘Geen idee. Hoezo?’
‘Het zwarte hendeltje staat niet goed’, zei ik.
‘En wat is “niet goed”?’
‘Het zwarte hendeltje moet naar voren wijzen. Probeer maar of je hem naar voren kunt duwen.’

‘Hij gaat stroef.’
‘Doorduwen!’
‘Ik duw door. Heel stroef. O, maar nu gaat ie vlot’, riep ze enthousiast. ‘Alhoewel..’
‘Wat “alhoewel”?’
‘Hij kan er ook af.’ Ze stak het hendeltje triomfantelijk omhoog.

‘Ja, wat heb je nou in hemelsnaam gedaan?’, vroeg ik terwijl ik het uit haar hand griste.
Ze keek omhoog. ‘Je hebt eigenlijk helemaal geen zwart hendeltje nodig. De kier is  nu weg.’

Bart


Ontwikkeling

‘Ik denk dat die van van der Pavert op vakantie zijn geweest', meldde Truus. 
'Wie zijn dat?', vroeg ik quasi nieuwsgierig. 
'Die zijn vorig jaar in het huis van Aafje komen wonen.'
'En wie was Aafje?'
'Aafje van Jochem. Die ken je toch nog wel? Die hadden zo'n klein autootje.'
'Die Italiaanse rolschaats?', vroeg ik.
'Ja, die. Hou even vast.'

'Hoezo vasthouden?', vroeg ik.
'Je zit nu op het juiste spoor. Aafje en Jochem zijn vorig jaar verhuisd. En daar wonen nu de Paverts.'
'Moet ik het nog langer vasthouden?'
'Die van der Pavert, die dus in het huis van Aafje en Jochem zijn komen wonen, zijn waarschijnlijk op vakantie geweest.'

'Waaruit blijkt dat?', vroeg ik.
'Zij is hardstikke bruin.'
'Hij niet?'
'Ja, hij ook, maar dat was hij al een beetje van zichzelf.'

'En wat moet ik nu met deze informatie?'
'Nou ja, het gaat om buurtgenoten. Beetje op de hoogte blijven, Bart. Anders stomp je zo af. Daar heb jij van nature aanleg voor.'
'Waarvoor?'
'Voor afstompen. Het wordt tijd dat het voorjaar wordt. Dan kun je de oprit weer vegen.'

'Wat moet ik nu nog met die Paverts?'
'Met de Paverts? Niks. Hoezo zou je er iets mee moeten?'
'Weet ik veel. Jij begint erover. Ik krijg er kramp van in mijn vingers.'
'Hoezo kramp?'
'Ja, ik moest het van jou vasthouden. Maar als het niet meer hoeft...'
'Hoezo "niet meer hoeft"?'
'Dan laat ik het nu los.'

Bart