Speklapjes
‘Wat wilt u?’, vroeg ze ietwat gestoord.
‘Weet u misschien waar ik de speklapjes kan vinden?’
‘Liggen die niet in de koeling?’, vroeg ze terwijl ze met de rug van haar hand het zweet van haar voorhoofd wiste.
‘Nee, want anders zou ik het niet vragen’, lachte ik.
‘De speklapjes liggen echt in de koeling meneer.’
‘Hoe weet u dat zo zeker?’
‘Omdat ze daar moeten liggen.’
‘Maar ik zie ze niet.’
‘Ze liggen achter het rechter deurtje.’
‘Ik heb netjes bij het rechterdeurtje aangeklopt, deur geopend maar geen speklapjes aangetroffen.’
Ze keek me aan, slaakte een diepe zucht, liep naar de koeling en keerde terug met het gezochte bakje. ‘Kijk meneer’, riep ze triomfantelijk terwijl ze mij het bakje overhandigde.
‘Hoe kan dat nou?’, vroeg ik.
‘Meneer, laat ik het zo zeggen: ik heb ruime ervaring met mannen die iets moeten zoeken en het niet kunnen vinden.’
‘Kijk mevrouw,’, lachte ik. ‘Dan was ik bij u toch aan het juiste adres.’
Bart
Geen opmerkingen:
Een reactie posten