Haast
‘Klopt, ik kom uit voorzorg vroeg.’
‘Uit voorzorg? We hebben brood in overvloed.’
Ze spreidde haar armen richting een enorme stapel bakken.
‘Dat is mooi. Wil jij dan twee bruin voor mij snijden?’ Ik lanceerde iets wat vanaf een afstand op een enorme prettige glimlach moest lijken. Hij kwam aan.
‘Voor zo’n vriendelijke klant kan ik zo’n verzoek natuurlijk niet weigeren’, lachte ze leuk.
‘En dat allemaal op dit vroege uur.’
Ze haalde het brood door de machine en stak het vervolgens in een plastic zak. Stickertje erop en klaar.
‘Fijne dag nog’, lachte ze.
‘Jij ook.’ Ik keek vluchtig op mijn horloge en liep nu snel richting kassa.
‘Hé Bart, man, wat ben je gehaast.’ Carla van de Porsche.
‘Hoi Carla, ja, ik moet vaart maken.’
‘Oké, dan vertel ik het niet.’
‘Ik hield in.
‘Even snel dan. Heb je een nieuwe auto? Vriend?’ Ik wachtte vol ongeduld.
‘Nee, gaat over dat mens van Krul.’
‘Dat bedoel ik’, zei ik. ‘Ik wil door de kassa zijn voordat zij aanschuift.’
‘Dan kan ik je gerust stellen. Ze is gisteren voor vier weken naar haar kleindochter in Australië vertrokken.’
Bart
Geen opmerkingen:
Een reactie posten