Zuurpruimen
‘Je bedoelt die twee dames daar links?’
‘Ja, die. Zegt de ene zuurpruim tegen de ander: wat kijk je toch vrolijk?’, lachte ik. ‘Zegt de andere zuurpruim: je steekt me aan’, reageerde Truus. Ik denk trouwens dat het twee zussen zijn.’
‘Zitten ze aan de azijn?’, vroeg ik.
‘Lijkt er wel op. Het zit in een wijnglas’, stelde Truus vast.
‘Gezellig als je zoiets in huis rond hebt lopen.’
‘Geeft ook voordelen, Bart: heb je nooit last van ongedierte.’
‘O kijk, ze krijgen bezoek. Zijn vast de echtgenoten.’
‘Zouden ze getrouwd zijn?’, vroeg ik.
‘Heeft er alle schijn van, schat. Kijk, die linker pruim wordt gekust. En nu ook die andere.’
‘En, worden ze er wat vrolijker van?’, vroeg ik.
‘Ja hoor, ze veranderen nu in geel-groene gifkikkers.’
Bart
Geen opmerkingen:
Een reactie posten