‘Is maar klein’, stelde ik vast.
‘Het is wel een gat. Dat kan zo niet.’
‘Ik zou niet weten waarom niet.’
‘Omdat het armoedig staat.’
‘Schat negenennegentig procent van mijn voet is nog afgedekt. Bovendien vertoeft mijn voet óf in een schoen óf in een pantoffel.’
‘We gaan niet met een gat lopen. Je trek hem uit.’ Ze klonk heel streng.
‘En als ik weiger?’, riep ik balorig.
‘Dan heb je straf.’
‘Straf?’
‘Bart, zwam niet. Trek die sok uit en gooi hem weg.’
‘Wat doe ik dan met die andere sok?’
‘Ook weggooien. Of wil je ze inlijsten?’
‘De rechtersok is nog goed. Die bewaar ik.’
‘Hoezo bewaren? Voor later of zo?’
‘Nee, maar mocht er ooit een rechtersok sneuvelen, dan heb ik er nog één.’
Ik hoorde haar zuchten.
‘Wat zucht je nou?’
‘Ik krijg een punthoofd van jou.’
‘Hm, wees maar blij met een punt. Als je er een gaatje in zou krijgen weet ik inmiddels hoe het afloopt.’
Bart

Geen opmerkingen:
Een reactie posten