Totaal aantal pageviews

dinsdag 28 juli 2026

Vive la France (Serie 2026-2) Van stand.

Ze kwamen aan op het moment dat ik net de armleuninkjes van mijn campingstoel optrok met het doel achterover de luie stand in te schieten: een dame en heer van, zoals dat in de volksmond heet, van stand. Tenminste, als mijn ooghoeken mij niet bedrogen. 

Hij, gekleed in een merk-polo-outfit met opgezet kraagje, korte broek en een paar schoenen uit een beroemd Brabants schoenenatelier. De “zij” van het setje droeg een jurkje wat ook niet bepaald uit de tweedehandswinkel was geplukt. Ook het collier wat in de Franse zon schitterde zei meer dan genoeg.

De Mercedes waarin het stel aankwam was er één uit de hogere klasse evenals de caravan wat het voiture voorttrok. 

Ze stonden wat te overleggen, nou ja, overleggen, laten we het op niveau houden: ze stonden te delibereren over de plek waar het één en ander moest gaan plaatsvinden. 
Het gesprekje verliep nagenoeg geluidloos. Af en toe produceerde hij een kort kuchje in zijn vuist en zij streek met enige regelmaat over haar rok. 

Op een gegeven moment draaiden ze zich een kwartslag om, richting onze plek. 

Hij knikte kort in mijn richting. 
Ik knikte kort terug. 

Zij hield ondertussen haar blik op onze waslijn gericht, waar de onderbroeken van Truus en die van mij gezellig wapperend hun levenservaringen deelden. Toen ik goed keek meende ik bij haar een mondtrekje te zien die ik herkende als een trekje bij Truus wanneer ze het had over de zomerse maaien in de kliko. 

De dame mompelde vervolgens iets waarna beide terug de auto instapten. De deuren gingen dicht, de motor gestart en langzaam trokken ze op. 

Terwijl ze mij passeerden knikte de man nogmaals. Ik knikte terug waarna ik wederom de armleuningen optrok, mij in volle tevredenheid achterover liet zakken en in een diepe slaap viel.

Bart


Vive la France (serie 2026-1) De Kip

Ze stelden zich netjes voor: Ans en Willie, wat oudere kampeerders die zich naast ons hadden genesteld. 

Het “nest” betrof een oude Kip met klapdak die na enig gepruts en gemopper werd opgeklapt. Truus vond het een “poepig” dingetje. Ik een kruiphok voor pas verliefde stelletjes die de hele dag op elkaars lip wensen te hangen. 

Nu wil ik Kip-liefhebbers niet in een verdomhoekje plaatsen, maar je moet toch wel heel erg van kamperen of van je vriendin houden als je in zo’n dingetje je vakantie door wil brengen. 

Het voortentje werd met behulp van drie dozijn mikado-stokken en evenveel haringen aan de aarde vastgeklonken. Maar volgens de mannelijke helft van het setje stond hij dan ook als een huis. Een Tiny-house wel te verstaan. 

Toen we een paar dagen later werden uitgenodigd voor een drankje, mocht ik de ingewanden van de kip bekijken. Dat begon met een schaafwond op mijn hoofd vanwege de lage deur, maar de pijn maakte al snel plaats voor een prettige verbazing.

De Kip bleek een prachtig compleet caravannetje met stel lengte-bedden die bij menigeen thuis niet zouden misstaan.

‘Wat een prachtig compleet wagentje. Alleen wel wat klein’, merkte ik op. ‘Hebben jullie hem al lang?’
‘Nee, sinds dit jaar. Dit is de eerste vakantie. En wat de ruimte betreft, wij hebben nog niet veel nodig.’
‘Nog niet?’
‘Nee, ik ken Ans nog maar kort, wij genieten nog volop van elkaars lip.’
Tja…

Bart