Totaal aantal pageviews

dinsdag 3 november 2026

Een wafeltje

‘Heb jij nog iets van Leo gehoord?’, vroeg Truus tijdens ons tien uur koffiemomentje. Ik was net een koekje aan het bestuderen. Nou ja, koekje, een wafeltje. Onderkant, vulling, bovenkant met ribbeltjes.

Ik vraag mij altijd weer af hoe ze dat zo voor elkaar krijgen. Kijk, ik snap dat koekjes gebakken worden. Tenminste, dat heb ik van die Brabo begrepen. Die van dat bakprogramma. Heel Holland…

‘Hallo, heb ik contact? Leo? Nog iets van gehoord?’
‘Leo? Welke Leo?’ 

Ik bekeek het wafeltje nog eens goed. Ze maken mij echt niet wijs dat ze in de fabriek stukje voor stukje aan elkaar plakken…

‘Leo van Annick. Jij vertelde dat hij gestruikeld was en zijn been had gebroken.’
‘O, die. Geen idee. Het zal wel geplakt zijn..’
‘Geplakt? Wat zwam je nou?’
Ik keek op. ‘Ja, die twee wafelkantjes zitten geplakt met dat witte spul. Maar hoe ze dat toch voor elkaar krijgen?’

‘Bart, je vriend Leo heeft zijn been gebroken, heb je hem nog niet gebeld?’
‘Nee, waarom?’ 
‘Nou ja zeg, je kunt toch wel een beetje belangstelling tonen?’

‘Jij hebt ook naar dat programma gekeken. Heb jij nou begrepen hoe ze dat doen?’
‘Wat doen?’ Ze klonk geïrriteerd. Oppassen Bart.
‘Die wafeltjes zo op elkaar krijgen dat ze aan de vulling blijven plakken.’
‘Dat doen ze met een nietje.’
‘Jaja, nietje. Hoe verzin je het..’

‘Hoezo verzinnen? zie je geen nietje? Geef eens hier?’
Ik gaf het wafeltje en keek vol belangstelling.
Ze draaide hem een paar keer om en stak hem toen in één keer in haar mond.
‘Wat doe je nou met mijn wafeltje?’
‘Je had gelijk, ik zag ook geen nietje. Ik heb nu even gecontroleerd of hij blind geniet is. En dat is hij inderdaad.’

Bart