Een naam
‘En hoe heet ze?’
‘Treesje.’
‘Treesje? Hoe kun je je kind nou Trees noemen. Dat is toch echt een naam uit de tijd van de stoelenmatters en kantklossers.’
‘Ik had eigenlijk ook Trees moeten heten’, zei ze.
‘Hoezo?’
‘Ze wilden mij naar mijn Oma van mijn moeders kant vernoemen. Oma Trees. Mijn ouders zouden dan van hun een kinderwagen cadeau krijgen.’
‘Pure chantage’, riep ik.
‘Ja, echt wel.’
‘Maar dat is dus niet doorgegaan’, stelde ik vast.
‘Hoe bedoel je?’
‘Nou ja, je heet Truus, geen Trees. Trouwens, voor het eerst dat ik iets verstandigs hoor over je moeder. Maar hoezo dan de naam Truus?’
‘O, dat was niet zo moeilijk. Mijn andere Oma van vaders kant heette Truus. En die bood bij vernoeming behalve een kinderwagen ook nog een wiegje als cadeau aan.’
Bart
‘Ach ja, ik gokte op een “Trees”.’
‘Hoezo “Trees”?’
‘Omdat je er als een “Trees” uitzag.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten