Totaal aantal pageviews

zondag 4 januari 2026

De schat

De schat

‘En, wilden ze nog een beetje bijten?’, vroeg ik aan een man die gewapend met een metaaldetector uit het tegenover ons gelegen weiland kwam tijgeren.

‘Wat zegt u?’, vroeg hij terwijl hij zijn oorwarmers half op zijn hoofd zette. 
Ik herhaalde mijn vraag.

‘Ik was niet vissen!’, riep hij terwijl hij op zijn apparaat wees. ‘Ik zoek de bodem af.’
‘Dus toch vissen’, lachte ik. ‘Maar, behalve roestige spijkers nog iets interessants gevonden?’
‘Nee, ligt niet veel.’

‘Toch kun je hier nog een schat vinden’, zei ik.
‘Een schat?’, herhaalde hij.
‘Ja, niet verder vertellen, maar het moet hier ergens zijn.’
‘Op het weiland?’
‘Geen idee. Gewoon goed zoeken.’

Hij keek eerst naar mij, toen naar het apparaat, daarna naar de wei, keek kort op zijn horloge en liep vervolgens terug het veld in.’

‘Wat ik nu toch zie’, riep Truus die avond vanuit de keuken.
‘Wat zie jij dan?’
‘Het licht van zo’n mijnlamp. Iemand loopt ermee op zijn hoofd door de wei. Kom eens kijken?’

‘O, dat is die schatzoeker.’
‘Schatzoeker? Een schat hier in de wei? Er ligt toch geen schat?’
‘Klopt, die gaat hij ook vast niet vinden. Die staat hier namelijk naast mijn in de keuken.’

Bart




Geen opmerkingen: