‘Een goedemorgen’, wenste ik het meisje achter de toonbank van de Winkel van Sinkel toe.
‘Ook goedemorgen meneer. Kan ik u ergens mee helpen?’, vroeg ze vriendelijk. Het was nog een jong ding. Een geitje wat net uit de wei was gedarteld en nu voor mij stond en deze oude grijze mopperkont haar hulp aanbood.
‘Jazeker, ik zoek een strooibus.’
‘Een strooibus? We hebben wel een halte van de buurtbus’, zei ze na enig nadenken. ‘Maar die vertrekt pas tegen de middag.’
‘Ik bedoel een strooibus. Een bus waar je mee kunt strooien.’
‘Staat die niet in de winkel?’, vroeg ze.
‘Nee, ik kan hem niet vinden’, antwoordde ik.
‘Ik vraag even aan mijn baas, goed?’
‘Ja hoor.’
Ze verdween om even later weer te verschijnen.
‘Ik heb het even gevraagd, maar mijn baas zegt dat wij ze niet hebben. Misschien bij de begrafenisondernemer. Die zit op het industrieterrein.’
‘Volgens mijn baas is het ook een ouderwets ding. En dat klopt ook wel’, blaatte ze.
‘Hoezo klopt dat wel?’, vroeg ik.
‘Nou ja, tegenwoordig is alles digitaal. Dat zal zo’n strooier dan ook wel zijn.’
Bart
Geen opmerkingen:
Een reactie posten