‘De broer van Agnes logeert een paar dagen bij haar’, vertelde Truus tijdens ons tien uur koffiemomentje.
‘Je bedoelt dat uitgeknipte stripfiguur wat ik daar gisteren naar binnen zag kruipen?’
‘Hoe bedoel je?’
‘Nou ja, hij had wat weg van kapitein Haddock uit de Kuifje.’
‘Ken ik niet.’
‘Ik wel. Een oude zuiplap.’
‘Kom op Bart. Je gaat nu wel erg ver. Het is wel haar broer.’
‘Nou en? Ik had ook een broer. En je bent desondanks toch ook met mij getrouwd?’
‘Dat zegt alles over mij en niets over je broer.’
‘Wat doet die broer van haar?’
‘Hij schildert.’
‘Moet er bij haar nu al geschilderd worden? Ze woont er net!’
‘Hij is kunstschilder.’
‘Dat vind ik nou ook.’
‘Wat vind je?’
‘Dat het een hele kunst is om te schilderen.’
‘Dat valt best mee, dat kan jij ook.’
‘Joh, ik kan nog geen streek op papier krijgen.’
‘Dat hoeft ook niet op papier, Bart. Begin maar gewoon op de muur in de garage. Dat mag best mislukken.’
Bart
Geen opmerkingen:
Een reactie posten